David Markson (1927 - 2010) beschreef absurdistisch een ontmoeting van Rembrandt en Spinoza

David MarksonDavid Markson was een Amerikaans schrijver, geboren in Albany, New York. Z’n opleiding ontving hij aan het Union College en de Columbia University. Hij begon zijn schrijfcarrière als journalist en redacteur van boeken en van tijd tot tijd was hij docent aan de Columbia University, Long Island University en The New School.

Hij schreef vooral ‘postmoderne verhalen’, waarvan het bekendste is de experimentele novelle in de trant van Beckett, Wittgenstein's Mistress. Zn recentste werk was, toepasselijk, getiteld The Last Novel (2007). Waar z’n vroegste werk in de modernistische traditie van William Faulkner en Malcolm Lowry viel, zei Markson zelf over z’n latere novellen dat ze  waren "literally crammed with literary and artistic anecdotes" en "nonlinear, discontinuous, collage-like, an assemblage".

Hij overleed op 82 jarige leeftijd op 4 juni van dit jaar - twee van zijn kinderen hadden hem dood in bed aangetroffen.

Scène uit: Wittgenstein's Mistress

De hoofdpersoon van Wittgenstein’s Mistress is ervan overtuigd de laatst overlevende persoon op aarde te zijn. Ze leeft haar leven al filosoferend en anekdotes vertellend, waarbij allerlei Westerse culturele iconen langskomen van Zeno tot Beethoven, van Willem de Kooning tot kunstgeschiedenis in het algemeen en godsdienst en geschiedenis van de filosofie. Vooral voor degenen die bekend zijn met Ludwig Wittgenstein's Tractatus Logico-Philosophicus werd het een cult-boek doordat ze er overeenkomsten met dat werk in zouden herkennen. Het zegt iets over het merkwaardige karakter van het boek dat het - naar verluidt - 24 keer door uitgevers werd geweigerd tot het eindelijk in 1988 door Dalkey Archive Press werd gepubliceerd.

Een grappige en heerlijk absurd beschreven passage is die waarin de merkwaardige hoofdpersoon zich een ontmoeting verbeeldt tussen Rembrandt en Spinoza in het Amsterdam van 1656.

  

“…it is probably safe to assume that Rembrandt and Spinoza surely would have at least passed on the street now and again. 

     Or even run into each other quite frequently, if only at some neighborhood shop or other.

    And certainly they would have exchanged amenities as well, after a time.

    Good morning, Rembrandt.  Good morning to you, Spinoza.

    I was extremely sorry to hear about your bankruptcy, Rembrandt. 
   
I was extremely sorry to hear about your excommunication, Spinoza.

    Do have a good day, Rembrandt.  Do have the same, Spinoza.

    All of this would have been said in Dutch, incidentally. 

    I mention that simply because it is known that Rembrandt did not speak any other language except Dutch.

    Even if Spinoza may have preferred Latin.  Or Jewish.”

                                                  * * *

Er bestaat geen enkele evidentie voor een ontmoeting tussen beide beroemdheden uit de Gouden Eeuw. Maar bij toneel- en andere schrijvers heeft deze mogelijkheid vaker tot de verbeelding gesproken. Maar de Beckettiaanse absurditeit die Markson in de ontmoeting legde (wat laat je twee op hun terrein grote genieën zeggen als je ze elkaar laat ontmoeten) doet denken aan de absurdistische sketches, Herenleed, van Cherry Duyns, Armando en soms Johnny van Doorn. (zie op YouTube).

Bronnen

In Memorian in The Washington Post van 9 juni 2010

http://en.wikipedia.org/wiki/David_Markson 

http://en.wikipedia.org/wiki/Wittgenstein's_Mistress

De weergegeven scène trof ik ooit aan op thebestamericanpoetry, maar die link werkt niet meer. Ik heb de scène met dit blog dus terug op internet gebracht.

                                               * * *

Hier nog een voorbeeld van iemand die bezig was met de connectie tussen Spinoza en Rembrandt: 

THE JEWISH STUDENT; WHEN REMBRANDT MET SPINOZA  Ran Oron [Presented at "EL SILENCI I L'EXILI,” a conference on the work of Matti Megged, Universitat de Girona, Girona, Spain, February 2005]  
I met the Jewish Student a few months after Matti died – in a room on the second floor of a New York brownstone facing 11th Street: a square room about 4 meters wide and 4 meters long, with bookshelves all around and a large desk with many dictionaries on it in front of a southern window. To the left of the entrance, on the file cabinet facing the desk, hung a reproduction of the last self-portrait of Rembrandt, welcoming the guests.

I met the Jewish Student in Matti’s last notebook; the one he was writing during the last five years of his life, notes for a book he called “The Shabtai”. In it he imagined himself to be one of the followers of Shabtai Zsvi, the false messiah, arriving in Amsterdam in 1656 and meeting Baruch Spinoza and Rembrandt. Matti chose that year for a reason: 1656 was the year Spinoza was excommunicated and Rembrandt declared bankruptcy. He imagined meeting them at the house of Van Der Enden, Rembrandt’s patron, who taught Spinoza Latin and mathematics. In careful detail, he imagined a love story between Spinoza and Van Der Enden’s daughter. He thoroughly researched the life of the Jews in Amsterdam, and studied the lives of Rembrandt and Spinoza. He decided that Rembrandt’s painting, Head of a Jewish Student, is a portrait of Spinoza. [Méér]

Aanvulling 14 juni 2013

Het boek is in het Duits verschenen:
David Markson: Wittgensteins Mätresse
Aus dem Englischen übersetzt von Sissi Tax.
Berlin Verlag, Berlin 2013

In zijn bespreking op Deutchslandradio Kultur geeft Knut Cordsen ook de Spinoza-Rembrandt-scène weer:

Fest steht: Kate malt nicht mehr und sie liest nicht mehr, kramt nur mehr in ihrem enormen Erinnerungs- und Wissensfundus. Das ist ebenso enervierend wie es teilweise hochkomisch ist, zum Beispiel dann, wenn sie darüber spekuliert, wie wohl eine Begegnung zwischen den beiden Zeitgenossen Spinoza und Rembrandt in einem Geschäft im Amsterdam des 17. Jahrhunderts ausgesehen haben mag.
Womöglich so: "Guten Morgen, Rembrandt. Auch Ihnen einen guten Morgen, Spinoza. Es hat mir außerordentlich leidgetan, von Ihrem Bankrott zu hören, Rembrandt. Es hat mir außerordentlich leidgetan, von Ihrer Exkommunikation zu hören, Spinoza. Wünsche einen guten Tag, Rembrandt. Ihnen ebenfalls, Spinoza."

336 Seiten, 22,99 Euro