Een ethisch goed 2011 gewenst volgens Spinoza's Ethica - hier in a Nutshell

Ik blijf nog even bezig met de artikelen van Beth Lord die ik in twee vorige blogs vermeldde [deze en deze]. In haar “Acting with a Good Reason: Kant and Spinoza on Ethics", [Philosophy Research Seminar, University of Stirling, April 2007. PDF] geeft ze een in mijn ogen heel fraaie korte samenvatting van de kern van Spinoza’s Ethica (waarbij de mogelijke inhouden van dat handelen, waarover Spinoza ook veel te zeggen heeft, dus ook het aspect van het ‘samen-met-anderen’ (zoals de studenten in onderstaand plaatje), buiten beschouwing zijn gebleven).

Graag geef ik het stukje hieronder in mijn vertaling weer (het is te vinden op de derde bladzijde van bovenvermeld paper).


         1700 studenten van The Class of 2011 on Duke's East Campus

Spinoza heeft in zijn Ethica wat we een immanente ethiek zouden kunnen noemen, waarin ethisch handelen van nature wordt geproduceerd, binnen de natuur blijft en volledig in overeenstemming met de natuur is. Wat een ethische handeling van andere soorten handeling onderscheidt, is de koppeling met het wezen (de essentie) van het individu. Spinoza's individu wordt gedreven door conatus, een essentieel streven naar behoud en versterking van zijn eigen wezen, wat het individu ertoe drijft om te zoeken naar wat goed voor hem is. Als de conatus wordt vertroebeld door vanuit de verbeelding verwarde kennis, streven we waarschijnlijk naar wat niet echt goed voor ons, hetgeen leidt tot vermindering van zijn en leven. Maar als we meer rationele kennis verwerven, wordt de aard van onze conatus duidelijker voor ons, en begrijpen we ons eigen wezen en wat werkelijk goed voor is steeds meer. Een toename van zijn is een toename van kracht en vermogen om te handelen, een daling van zijn betekent verminderde kracht en activiteit.  Ethisch is elke handeling die bijdraagt aan dit toe- of afnemen van zijn, kracht en leven. Omdat het individu deel uitmaakt van de natuur, wordt zijn ethisch handelen net zo veel bepaald door efficiënte oorzakelijkheid als elke andere vorm van beweging in Spinoza's deterministische systeem, dus is er geen vrije keuze van de actie in de zin van absolute vrijheid. Maar het gebrek aan vrije keuze in het systeem van Spinoza betekent niet dat het zinloos is om te spreken van ethisch handelen.

Hoewel onze acties volledig worden bepaald, in die zin dat elke wordt geproduceerd door tal van natuurlijke oorzaken, kunnen we dit causale proces beheersen door ervoor te zorgen dat we alleen die acties ondernemen die echt volgen uit de essentie van wat we zijn, volledig door onszelf worden veroorzaakt en niet door externe oorzaken of verwarde ideeën. Kiezen van deze acties kan ons voorkomen vrije keuze te zijn, maar in feite zijn ze veroorzaakt door onze essentie, die, wanneer duidelijk door rationele kennis begrepen, "vrij" is om goede handelingen te ontplooien die betrekking hebben op de ware aard ervan. Hoe meer winst in vermogen en geschiktheid in het bereiken van wat goed voor ons is, des te meer onze natuur in staat wordt tot onafhankelijk veroorzaakte handelingen die goed voor ons zijn.

Het goede individu is vrij in de zin dat hij vrij is van de afhankelijkheid van externe zaken, vrij van de invloed van de passies, en onafhankelijker, actiever en krachtiger is. Het ‘goede’ en vrije individu handelt vanuit duidelijk inzicht in en actie van het zelf, terwijl het ‘slechte’ en onvrije individu handelt vanuit de invloed van anderen.  

Spinoza's Ethica is immanent in die zin dat het goede immanent is aan het individuele streven, en het individu immanent is aan de natuur, die de hele werkelijkheid omvat.