Leo Shestov over met bewustzijn begiftigde stenen

Leo ShestovOp 4 december 2009 had ik een blog over “Lev Shestov (1866-1938) en zijn haat-fascinatie verhouding met Spinoza.” Onlangs ontdekte ik dat een Russische site, waarop veel Engelse vertalingen van Shestov te vinden waren en waarnaar ik een link had, verdwenen is. Maar dezelfde teksten zijn nog wel hier te vinden. Ik heb er weer eens naar teksten van hem over Spinoza gesnuffeld.

In zijn werk Athens and Jerusalem waaraan hij twintig jaar werkte en dat hij in 1937 voltooide en dat wel als de bekroning van zijn werk wordt gezien, geeft hij een kritisch overzicht van de geschiedenis van de westerse filosofie vanuit zijn kijk op de destructieve knechting die het rationalistische denken de menselijke geest zou hebben opgelegd.

Hieronder geef ik mijn vertaling van een paragraaf waarin hij op een merkwaardige manier op Spinoza reageert. Zie waar hij hem wegzet.

            63 – De stenen begiftigd met bewustzijn

Spinoza zei dat als een steen werd begiftigd met bewustzijn, hij zich zou voorstellen dat hij vrij naar de aarde viel. Maar Spinoza vergiste zich. Als de steen bewustzijn had zou hij ervan overtuigd zijn ter aarde te vallen vanwege de noodzakelijkheid van het steenachtige van alle zijnden. "Hieruit volgt" dat het idee van Noodzakelijkheid alleen kan zijn opgekomen en ontwikkeld in stenen begiftigd met bewustzijn. En, zoals het idee van de noodzaak zo diep geworteld is in de menselijke ziel dat het iedereen primordiaal lijkt en de fundering zelfs van het zijn (noch zijn, noch denken zijn er zonder mogelijk), dan volgt hieruit ook dat de enorme, overweldigende meerderheid van de mensen geen mensen zijn, hoezeer ze het misschien ook mogen lijken, maar stenen begiftigd met bewustzijn. En het zijn zij - deze stenen begiftigd met bewustzijn - voor wie alles onverschillig is, maar die denken, spreken en handelen volgens de wetten van hun versteende bewustzijn - het zijn juist zij die de omgeving hebben gemaakt waarin de gehele mensheid genoodzaakt is om in te leven, dat wil zeggen niet alleen de stenen al dan niet begiftigd met bewustzijn, maar ook levende mensen.

Het is zeer moeilijk, onmogelijk bijna, om te vechten tegen de meerderheid, vooral gezien het feit dat de stenen beter zijn aangepast aan de omstandigheden van het aardse bestaan en altijd veel gemakkelijker overleven. Het resultaat is dat mensen zich op hun beurt moeten aanpassen aan de stenen, hen te vleien en als waarheid en zelfs als goed te erkennen dat als waar en goed verschijnt aan het versteende bewustzijn. Er is reden om te geloven dat de reflecties van Kant over het onderwerp van de Deus ex machina, en ook het sub specie aeternitatis seu necessitatis van Spinoza, net zoals onze ideeën over de waarheid met beperkingen en het goede met beperkingen, werden voorgesteld aan levende mensen door de met bewustzijn begiftigde stenen, die zich onder hen gemengd bevinden.

Leo Shevtov in Athens and Jerusalem [zie hier]

                                                 * * *

Shestow maakt hier wel een heel merkwaardige tournure, waarbij hij Spinoza wegens het noodzakelijkheidsdenken als behorend bij de niet-levende, maar versteende mensen indeelt. Waar komen de "levende" mensen vandaan?

                                                 * * *

Johan Huizinga over Lev Shestov in een boekbespreking, getiteld “De immoralist die God vond”, n.a.v. J. Suys' Leo Sjestow's protest tegen de Rede, de intellectueele biografie van een Russisch denker, [Seyffardt's Boek- en Muziekhandel, Amsterdam 1931. In: De Gids, 95e Jrg. no. 7, Juli 1931 - bij DBNL]

Reacties

Stan, de steen die begiftigd wordt met bewustzijn komt voor in Br58.5: als een steen die door de lucht vliegt plotseling bewustzijn kan krijgen, dan zou hij "denken dat hij volkomen vrij is en om geen andere reden in zijn beweging volhardt dan omdat hij dat wil! Welnu, dit is dan die befaamde menselijke vrijheid, waarop allen zich beroemen, en die alleen hierin bestaat dat de mensen zich van hun begeerte bewust zijn".
Spinoza heeft het dus over wat de mensen denken, namelijk dat ze vrij zijn, en illustreert het aan een zich bewustwordende steen. Shestov geeft er een aardige eigen interpretatie aan.
Het merkwaardige is dat Spinoza's citaat van de zich bewustwordende steen zonder bronvermelding ook voorkomt in Tom Wolfe:'I am Charlotte Simmons', blz 283, en dat Ap Dijsterhuis het weer van Tom Wolfe overgenomen heeft op blz 9 van zijn bestseller 'Het slimme onbewuste'.
Het citaat is: 'Let's say you pick up a rock and throw it. And in midflight you giive that rock consciousness and a rational mind. that little rock will think it has free will and will give you a highly rational account of why it has decided to take the route it is taking'.
Toen ik Dijksterhuis attendeerde op de herkomst van het Wolfe-citaat, mailde hij terug: 'merkwaardig dat Wolfe het niet vermeld heeft'.

Het is goed, Adrie, dat je even de plek aanwijst en het Spinozacitaat erbij haalt. Deze steen moet uiteraard niet verward worden met de van het dak vallende steen die iemand doodt en die dat door bijgelovigen als doel krijgt toegeschreven - die prachtige passage in de appendix van het eerste deel waarin Spinoza een schitterende 'tirade' houdt tegen de teleologie. Een andere steen dus aldaar.
Maar heb je ook gezien dat Shestov die zgn. 'bewuste' steen tegen Spinoza werpt? Zo'n erg aardige eigen interpretatie is het nou ook weer niet. Shestov is behoorlijk boos op het rationalisme en naturalisme dat in zijn ogen het geloof kapot maakt.

Stan, Spinoza is geen doetje, dat kan je opmaken uit zijn brieven, kritiek raakt hem wel, maar deert hem niet. In die zin is hij de Johan Cruijff onder de filosofen.

Stan, ik heb het stuk van Shestov nogmaals overgelezen: leuke lariekoek. Maar het beeld dat de mens een steen is begiftigd met bewustzijn sprak me aan, zij het dat de mens een kalksteen is begiftigd met bewustzijn, want de botten bestaaan uit kalk. En je weet, daar vallen gaten in, waar je na ettelijke millennia met een treintje doorheen kunt rijden.

Waar het mij in brief 58 over die vermaarde geworpen steen om gaat, is nog iets anders, namelijk dat uit het voorbeeld Spinoza's anti-Cartesiaanse fysica blijkt, zijn ontkenning namelijk van de traagheid als eigenschap van de materiele natuur. Om dat te begrijpen moet je in de zin die begint met 'Ex. gr. lapis' een komma plaatsen achter 'cessante' en NIET ERVOOR. Dan, en dan alleen, kun je het voorbeeld pas goed begrijpen omdat je dan ziet en begrijpt, dat Spinoza stelt, dat de steen ook na de worp NOG DOOR EEN UITWENDIGE KRACHT (aandrijvende luchtwerveling) wordt voortgedreven (en dus niet uit zichzelf, vrijelijk en quasi eenparig, voortbeweegt). Zeer binnenkort verschijnt eindelijk mijn artikel "Inertia as an effect" in een MEMORIAL VOLUME FOR RICHARD POPKIN (editor Camilla Hermanin) , waarin ik mijn tekstcorrectie verdedig.

@Wim,
Voor het begrijpen van de vergissing van de vermenselijkte steen (n.l. te denken dat hij uit vrije wil uit zichzelf beweegt) is volgens mij de uitslag van de discussie over de komma niet van belang; voor de vrije-wil-ontkenning is niet van belang of het in 't voorafgaande voorbeeld van de aangestote steen gaat om een vooroorzaking van de beweging door een eenmalige impuls of dat bij voorzetting van de beweging sprake is van permanente veroorzaking. In beide gevallen gaat het om externe veroorzaking, waarvan de "denkende steen" ten onrechte meent dat hij zelf de oorzaak van de beweging is. Dus los van de komma is dit gedachte-experiment m.i. geheel te begrijpen.
Oh, oh Spinoza's stone...
Waaruit blijkt trouwens dat die steen in brief 58 beweegt door een WORP? Ik dacht meer aan de extra impuls na de worp door de honkbalknuppel...

Gelijk heb je in het serieuze deel van je reactie. Ik had ook geenszins de bedoeling om dat aan te vechten. Ik wilde slechts de gelegenheid (discussie over brief 58) gebruiken om een van mijn stokpaarden te berijden en aandacht te vragen voor iets waar tot nu toe alle Spinoza scholars in gebreke bleven.- Dat ik over 'worp' spreek, is mij wellicht ingegeven door een boek dat Dikjksterhuis, (auteur van de MECHANISERING VAN HET WERELDBEELD) schreef over de VAL EN WORP. (1924): sporen in mijn hersenen van vroegere indrukken, die zich thans doen gelden. Weet je nog welke propositie van Spinoza dat 'proponeert'?

Ja, maar al die in gebreke blijvende Spinoza scholars gaan ook niet in Spinoza's teksten hannesen om hun stokpaardjes te kunnen berijden.

Hannesen? Doorgaans lezen ze Spinoza's Latijnse teksten niet eens en krijgen ze niet het minste vermoeden van eventuele corrupte plaatsen of corrumperende edities.

'Hannesen' is een onvriendelijk woord. Maar ik heb de indruk dat je de tekst van Spinoza wilt aanpassen zodat deze beter past in jouw theorie of bij jouw stokpaardje. Over dat stokpaardje heb ik drie vragen, als je het goed vindt.
1) Uit je eerste reactie begrijp ik dat "Spinoza's 'ontkenning van de traagheid als eigenschap van de materiele natuur" betekent dat hij vindt dat de steen "dus niet uit zichzelf, vrijelijk en quasi eenparig, voortbeweegt". Ofwel: als je de traagheid als eigenschap aanneemt, dan neem je aan dat de steen zich vrijelijk, eenparig voortbeweegt? Heb ik dat goed gelezen?
2) Ik heb me niet verdiept in Spinoza's bewegingsleer, maar ik neem aan dat die vooral is verwoord in Lemma 3 van deel II van de Ethica. Daar lees ik in de eerste zin van het corollarium: "Daaruit volgt dat een lichaam in beweging zich zo lang voortbeweegt tot een ander lichaam het tot rust bepaalt." Dat lijkt er toch verdacht veel op dat het lichaam zich uit zichzelf "vrijelijk en quasi eenparig voortbeweegt" Of lees ik dat verkeerd?
3) Als de komma in brief 58 NIET verplaatst wordt, is de zin dan STRIJDIG met Spinoza's bewegingsleer (die ongetwijfeld elders is vastgelegd)? Zo nee, dan is er toch geen reden om die komma te verplaatsen?

Laat ik beginnen met ad 2. De voortbeweging van een geworpen steen, zoals geformuleerd in Lemma 3, wordt door Spinoza bewezen met 1/28. En dat geldt niet enkel voor de aanvang van de beweging, voor een eerste moment ervan, maar voor elk moment: het begin van een beweging en dee voortgang, eventueel (denkbeeldig) eenparig (rust), versnelling of verlangzaming ervan.
Nu ad 1 & 3. Zou de komma worden geplaatst VOOR 'CESSANTE', dan zou Spinoza's voorbeeld van 'de steen in zijn vlucht die kan denken' het tegendeel illusteren van wat hij met het voorbeeld beoogt! Zo'n steen zou dan OP DAT MOMENT bewegen (iets doen) zonder daartoe van buitenaf te zijn geforceerd, gedeetermineerd, gestuwd. Zegt Spinoza dan: 'ziedaar de menselijke vrijheid', dan zou dat fout zijn, want zuilk een vrijheid komgt alleen god, de causa sui, toe. Hij gaat er met zijn filosofische makkers en vrienden van uit, dat zij weten dat een dergelijke steen niet uit eigen kracht voortbeweegt. 'Lapidis in motu permanentia coacta est, non necessaria, quia impulu causae externae definiri debet". Dit laatste, wat ik in het Latijn citeer, wordt precies uitgesloten door een komma VOOR 'cessante' in de voorafgaande zin. De grap is: zoals wij er niet aan denken dat wij door duizend oorzaken tot ons handelen worden genoodzaakt en daarom menen dat wij zelf in vrijheid handelen, zo zal ook de MENSACHTIGE STEEN menen dat hij zelf naar de vijand vliegt en er niet aan denken dat hij zijn voortbeweging (ook op dat moment) niet aan zichzelf te danken heeft. Met het door Tschirnhaus (aan wie de brief is gericht) goed begrepen voorbeeld, maakt Spinoza zich vrolijk over de onnozele mens: "atque haec illa libertas (die hoog opgehemelde vrijheid) est, quam omnes habere iactant (waar allen zo hoog van opgeven en over opscheppen). PS. Tschirnhaus, de echte adressaat van de brief, schrijft later zelf in een brief aan Christiaan Huygens: "Dat een lichaam dat door de hand in beweging is gebracht, daarnaa voortbeweegt ... dat komt niet van de hand, maar DOOR ANDERE LICHAMEN, die dit lichaam, NADAT HET UIT DE HAND IS, voortdurend aandrijven totdat uitwendige lichamen deze beweging opheffen" (Zie hoofdstuk "De geneeskracht van de natuurkunde volgens Tschirnhaus" in mijn tot heden onovertroffen MANNEN ROND SPINOZA (Hilversum 1997). Ook bij Abraham Cuffeler en Burchardus de Volder, die ieder een hoofdstuk in mijn boek hebben gekregen, vind je deze radicale Spinozistische fysica, waarvan Einstein zal zeggen: "He, Spinoza, was the first to demonstrate the deterministic constraint of everything" (vrij, uit mijn hoofd, geciteerd). Locke, die reeds voor zijn Hollandse tijd kennis maakte met Spinoza's fysica via Oldenburg, had dit ook begrepen: de tgennisbal die daar stil ligt, wordt stil gehouden! En hij vroeg in zijn aantekeningen: wat heeft die geweldige man nog meer geschreven? Ook Hume zat volledig op dit spoor. Maar de blog wordt te lang. Ik zou zeggen, Henk Keizer, bestudeer verder de argumenten die ik in mijn boeken en artikelen verder uitwerk. En STan, ook de ac-quies-centia heeft daarmee te maken.

Dank, Wim Klever, voor de uitvoerige antwoorden. Ik begrijp wat je punt is. Toch zit ik nog met de eerste zin van het corollarium van Lemma 3. Stan heeft mij gewezen op en voorzien van het artikel "Conditioned inertia in the physics of Spinoza and his Followers". Ik ga het lezen (bestuderen), maar dat gaat pas lukken na volgende week. Het zal mijn begrip van de kwestie ongetwijfeld vergroten, zodat ik met een nieuwe blik naar de zin uit het corollarium en brief 58 kan kijken.

Het doet me goed te vernemen, dat mijn antwoord stimulerend is. Ik geloof dat ik in dat inerti'-artikel vergat melding tge maken van de BELANGWEKKENDE WANT ZEER VERHELDERENDE aantekeningen die in de Leidse OP waren gemaakt door een vertrouweling van Spinoza en voor welker betekenis Spinoza-mensen tot de dag van vandaag helaas blind zijn . Zie daarover op Stan's publieke forum mijn terugblik "RANDGLOSSEN". Ik was uitzinnig van blijdschap toen ik in de marge bij Lemma 2 las: "positis nimirum talium effectuum causis' en bij het cor. van Lemma 3: 'tam diu causa movens et causa quietem constituens (considerantur) agere sive nunc producere effectum'. Deze opmerkingen zullen behulpzaam zijn om de eerste regel van Lemma 3 ten volle te begrijpen. Dit is precies Mahayana: 'prattytia samutpada' ofwel 'conditioned arising and existing of everything'.