Nieuwe loot aan de Spinozistische scholars boom: Alison Peterman

Mark Behets gaf me de tip en de link door naar een indrukwekkend artikel van, naar mij vervolgens bleek (want ik ga dan altijd verder googlen) een nieuwe jonge loot aan de boom van Spinoza scholars. Eentje die zich in het bijzonder bezighoudt met Spinoza’s fysica:  Alison Peterman, momenteel Assistant Professor, Department of Philosophy, University of Rochester [cf. & cf. ook hier] 

In 2012 is ze afgestudeerd op een dissertatie: Spinoza’s Physics. Een PDF ervan kan ik niet vinden, dat is kennelijk niet de gewoonte van alle universiteiten. Uit haar CV neem ik hierna de samenvatting over van haar Spinoza's Physics *):

This thesis argues that Spinoza rejects the entire edifice of Cartesian physics and explains why. In it, I develop an original account of Spinoza's metaphysics of finite bodies and show how it provides the skeleton of his own physics, go on to explain Spinoza's philosophy of science, and argue that those doctrines entail that three-dimensional extension and local motion cannot be, as they are for Descartes, the grounds of physics. Far from complacently adopting Descartes' physics, Spinoza develops an account of finite bodies that answers central questions occupying 17th-century natural philosophers, and offers a trenchant account of mathematical and empirical physics that has not been adequately appreciated.

*) Uit een voetnoot in Eric Schliesser “Spinoza and the Philosophy of Science: Mathematics, Motion, and Being” [cf. DOC], blijkt dat haar dissertatie eerder de (werk)titel droeg: “Spinoza and the metaphysics of finite bodies,” 

Aan artikelen die ze sindsdien schreef is te zien dat ze in dezelfde lijn doorgaat (ik vermeld er slechts enkele)  

  “Spinoza Physical on the ‘principles of natural things.'" Leibniz Review 22, December 2012.  
Abstract: This essay considers Spinoza’s responses to two questions: what is responsible for the variety in the physical world and by what mechanism do finite bodies causally interact? I begin by elucidating Spinoza’s solution to the problem of variety by considering his comments on Cartesian physics in an epistolary exchange with Tschirnhaus late in Spinoza’s life. I go on to reconstruct Spinoza’s unique account of causation among finite bodies by considering Leibniz’s attack on the Spinozist explanation of variety. It turns out that Spinoza’s explanations of the variety of bodies, on the one hand, and of causation among finite bodies, on the other, generate a tension in his system that can only be resolved by taking Spinoza to employ two notions of “existence.” I conclude by offering evidence that this is in fact what Spinoza does. [
Cf.]

  "Spinoza on Science." Philosophy Compass 9(3), March 2014.

  “Spinoza's “physical interlude" for Cambridge Critical Guide to Spinoza's Ethics, edited by Yitzhak Melamed (Cambridge University Press, forthcoming)

En dan nu het artikel waar Mark mij op wees en dat als PDF op internet vrij toegankelijk is:

  Alison Peterman, “Spinoza on Extension.” In: Philosophers’ imprint, vol. 15, no. 14 (april 2015), pp. 1-23 [Cf. & PDF].

Waarin ze, duidelijk in het verlengde van haar doctorsthesis, op een heel systematische en heldere manier laat zien dat we het mis hebben als we het attribuut Uitgebreidheid simpelweg interpreteren als de ruimte omvattend, resp. de eigenschappen lengte, breedte, hoogte hebbend. Aanvankelijk zou de titel – volgens haar CV - geweest zijn “Spinoza on Extension and Space" en daar gaat het ook over, maar het werd ingekort.
Ik heb het stuk nog niet in z’n geheel in me opgenomen, en ga het zeker nog eens rustig herlezen en goed tot me door laten dringen, maar ik geef deze relevatie graag alvast door - heb de indruk dat ze ons echt wat te leren heeft.
Toevoeging: 
Over dit uiterst controversiële artikel over wat Spinoza met uitgebreidheid zou hebben bedoeld, waarin ze ingaat tegen een lange leestraditie, werd in oktober 2015 op deze site getracht een internetsymposium te organiseren. Dit leidde tot een weerlegging door Daniel Schneider on Peterman’s “Spinoza and Extension.” Hij bleek niets van haar lezing te moeten hebben. Op die pagina verscheen tevens een uitvoerig commentaar op Peterman en Schneider van ene Matthew Astill. Meer reacties waren er niet te ontdekken, dus het hele idee van een internetsymposium bleek wat overladen, maar intussen was er wel belangwekkend commentaar te lezen. (Waarop overigens geen reactie van Peterman meer te ontdekken was).  

Wel aardig is nog erop te wijzen dat zij een van degenen was die in april vorig jaar op The Mod Squad commentaar gaven op Spinoza’s Metaphysics: Substance and Thought van Yitzhak Melamed, twee jaar eerder een van haar copromotoren.

Cf. Alison Peterman’s comments on Spinoza’s Metaphysics: Substance and Thought. Part 1. & Part 2. Haar commentaar bevat deels dezelfde materie als bovenstaand artikel - en het is een genot om haar heldere commentaar te lezen.

                                               * * *

Iemand die uitgebreid op haar (het draft van Spinoza on Extension and Space) ingaat en in haar benadering meegaat is:

Samuel H. Eklund, "A Cardinal Sin: The Infinite in Spinoza's Philosophy." (2014). Philosophy Honors Projects. Paper 7. pp. 78 [PDF]

                                               * * *

Toevoeging. Er bestaat inmiddels van haar een pagina op academia-edu, maar daarheen heeft ze nog niets geùpload / alleeen titels worden genoemd.

Toevoeging 2Deze site geeft van haar dissertatie een iets uitvoeriger Abstract

My goal in this dissertation is to show that Spinoza is a more central and innovative figure in natural philosophy than has been appreciated by recent scholarship. I demonstrate that Spinoza rejects Cartesian physics in its essentials and in its details, contrary to the dominant view that Spinoza's physics is a derivative of Descartes'. In its place I develop a novel Spinozistic account of the proper conduct and content of physical science.

I begin, in the first chapter, by developing interpretations of a number of Spinoza's metaphysical doctrines, demonstrating that Spinoza has a carefully considered account of the nature and interactions of finite things that is grounded in substance monism. This furnishes resources for dealing with natural philosophical questions about the causes of motion, the grounds of inter-body causation, and the explanations of the behavior of finite things.

I go on in Chapter 2 to discuss Spinoza's philosophy of science. I argue first that Spinoza takes a dim view of both empirical and mathematical methods for investigating the physical world. According to Spinoza, all sensory or "imaginative" cognition is inadequate, and all contingent facts or generalities are classified as sensory cognition. Applied mathematics is an empirical method and so is subject to the same critique. While we have access to truths about finite things through reason, we only know about the nature of the physical through the common notions, which, I argue, are instances of the third kind of knowledge, or intuition.

Chapter 3 draws from the previous two chapters to show that Spinoza rejects the central claim of Cartesian physics: that physics should be based on three-dimensional and local motion. I argue that by "Extended thing" Spinoza does not mean a thing extended in three-dimensions, and by "motion" Spinoza does not mean local translation in space.

Finally, in Chapter 4 I discuss a common contemporary interpretation of Spinoza as a kind of explanatory physicalist. I argue that given Spinoza's account of physical science, he does not believe that we have better knowledge of the physical than the mental. 

Toevoeging 3.  In een uitbreiding van het lemma "Spinoza's Physical Theory" op de Stanford Encyclopedia of Philosophy, gaat Richard Manning uitgebreid in op Peterman's dissertatie [en vermeldt in de biobliografie haar opvolgende artiklen]. Ik neem hier de alinea met zijn samenvatting over; voor zijn commentaatr in de daarop volgende alinea's verwijs ik naar het lemma: 

"Relying largely on Spinoza's denial of the divisibility or measurability of extension as it is properly conceived (as oppesed to imagined), Alison Peterman (Peterman 2012, 2015) has advanced the bold thesis that Spinoza's extension is not spatial or dimensional at all, and that, accordingly, Spinoza's bodies do not occupy space. On this view, Spinoza means something quite different by “extension” than Descartes or anyone else has meant. For Peterman, it is not just the apparent divisibility and measurability of extension that is an illusion of the imagination, but its very spatiality. Peterman argues that spatial extent would necessarily be, at least potentially, divisible, and that since Spinoza denies that extension is even potentially divisible, he must not understand extension as spatial. (Peterman 2012, p. 50). She further supports this view by noting that, while Spinoza explicitly characterizes extension in spatial terms in his exposition of Descartes' view in the PCP, he does not so define extension in expounding his own views in the Ethics, but rather says that extension is “conceived through itself”.

Reacties

Heden diverse aanvullingen toegevoegd.