Paul Raabe [geboren op 21 februari 1927]

Even een kleine anekdote tussendoor.

Paul Raabe was van 1958 tot 1968 leider van de Bibliothek des Deutschen Literaturarchivs Marbach. Vanaf 1968 kreeg hij de leiding over de Herzog August Bibliothek in Wolfenbüttel – de bibliotheek die in de 17e eeuw als de grootste van Europa gold. Raabe had grote voorgangers, zoals Gottfried Wilhelm Leibniz en Gotthold Ephraim Lessing.

Raabe, die zelf veel publiceerde, maakte van de bibliotheek een internationaal erkend studie- en onderzoekscentrum. Hij ontwikkelde een Stipendien- & Forschungsprogramm, een Publikationsabteilung en een Schülerprogramm. En de bibliotheekgebouwen breidden zich onder zijn leiding eveneens sterk uit. In 1992 ging hij met pensioen.
Ik neem aan dat velen die in die bibliotheek studie naar Spinoza of Leibniz e.a. deden de nu 83-jarige Paul Raabe zullen hebben ontmoet.

Hij ontving vele prijzen en erkenningen. Zo werd hem in 1987 het eredoctoraat aan de Technische Universiteit Braunschweig verleend. In 1991 werd hij ereburger van de Stadt Wolfenbüttel en na zijn pensionering ontving hij meerdere erkenningen. In 2006 bijvoorbeeld de Karl-Preusker-Medaille.

Waarom ik in dit blog kort aandacht aan hem geef is vanwege het feit dat hij in zijn herinneringen, Frühe Bücherjahre. Erinnerungen [Arche Literatur Verlag, Zürich-Hamburg 2007] schreef dat hij als tienjarige in een oude krant ontdekte dat de 21e februari 1927 niet alleen zijn geboortedag was, maar ook de 250e sterfdag van Baruch de Spinoza. En hij schrijft: „So steht am Anfang die Erinnerung an eine große Persönlichkeit der Geschichte. Die Bewahrung, Pflege und Vermittlung einer Erinnerungskultur habe ich bis heute als eine meiner Lebensaufgaben gesehen.“ (p. 13)

Ik stel me zo voor dat die zekere identificatie later versterkt werd toen hij in die Herzog August Bibliothek in Wolfenbüttel zoveel Spinozana en het beroemde Wolfenbüttel-schilderij van Spinoza aantrof.

                    

Over zijn tijd als bibliothecaris in Wolfenbüttel schreef hij: Bibliosibirsk, oder, Mitten in Deutschland: Jahre in Wolfenbüttel (1992) 

            

Zie voor méér informatie 

de.wikipedia.org/wiki/Paul_Raabe

www.lb-oldenburg.de/termin/exhiarchiv/2007/raabe80.htm

www.halle.de/index.asp?MenuID=4883&SubPage=31

www.kulturstadt-wf.de/cms/index.php?article_id=30&goback=27

www.freundeskreis-forschungsbibliothek-gotha.de/wir.html

www.alia.org.au/publishing/aarl/33.1/paul.raabe.html

Reacties

Stan, wat kan een datum van je verjaardag je positief beïnvloeden, als er tenminste een mooi historisch perspectief aan vastzit. Ooit ontdekte ik, als plm. tienjarige, dat Willem II, graaf van Holland, op mijn verjaardag met paard en al door het ijs zakte, en door de Westfriezen doodgeslagen werd (13e eeuw). Toen bedacht ik, dat het wellicht het beste was om onopgemerkt door het leven te gaan. Later ontdekte ik dat dat het motto van de epicuristen was - lathe biosas - met de aanbeveling van Spinoza in TIE17. Weer later las ik dat de Westfriezen niet wisten dat het de graaf was, die ze doodgeslagen hadden, en dat ze hem daarom schielijk onder de haard van een kroeg begraven hadden. Spinoza's aanbeveling is dus wellicht niet in alle opzichten navolgenswaard, want wat zal het in die kroeg zijn gaan stinken met dat lijk onder die brandende kachel. En zo word ik weer 'heen en weer geslingerd tussen hoop en vrees' (Br.nr?).

Leuk stukje, Adrie, en dank voor 't stukje huiswerk dat je opgaf. Want zo beschouw ik je verwijzing naar een tekst van Spinoza - in dit geval TIE17. Dat pak ik er dan meteen bij. Maar eerlijk gezegd kan ik geen relatie met dat motto lathe biosas vinden. Spinoza geeft daar enige leefregels, maar komt toch niet met de aanbeveling om je gedeisd te houden en vooral in het verborgene in het leven.
Hoe lees jij dat? Of gaat het misschien om een andere tekst?

Stan,
Bij lathe biosas denk ik aan inspecteur Columbo van de TV serie, een wat schlemielige man in oude regenjas, die met de deurknop in de hand aarzelend nog een laatste vraag stelt, met als gevolg dat de nietsvermoedende moordenaar, die hem een onnozelaar vindt zich blootgeeft.
In TIE17 vind ik deze houding terug: 'naar het begrip van het volk spreken en handelen', en 'volgens de zeden en gewoonten van de omgeving leven'. Deze levenshouding heeft voor de epicureërs als doel de ataraxia = zielenrust, voor Spinoza de wijsheid, voor beiden de beatitudo = gelukzaligheid.