"Spinoza. Een paradoxale icoon van Nederland" is een jaar oud

Deze maand een jaar geleden, op 13 maart 2014 om precies te zijn, verscheen Henri Krops boek over de receptie van Spinoza in Nederland. Het afgelopen jaar is er nog niet zoveel gebeurt op het terrein van spinozisme en spinozana dat er al een actualisering nodig zou zijn. Eigenlijk kun je als de belangrijkste fenomenen op dit vlak de algemene lofprijzingen van de recensenten ["gelauwerd" werd het, cf.] over dit inmiddels al standaardwerk genoemde werk over ‘het’ spinozisme. Ik zet ‘het’ tussen aanhalingstekens, want als één ding wel duidelijk is geworden dan heeft Krop met zijn boek wel aangetoond dat zoiets niet bestaat. Spinozisme is als een Wittgensteins familiebegrip: er zijn vele spinozismen die alle wel op een of andere manier verwant zijn aan elkaar, daar ze over Spinoza gaan.

Tot mijn verbazing moet ik vaststellen dat mijn eigen ochtendblad, Trouw, er geen bespreking aan heeft gewijd en dat valt me tegen van die kwaliteitskrant, die zoveel aandacht aan filosofie en theologie besteedt – betrokken is bij de Maand van de filosofie, de Maand van de spiritualiteit en de Denker des vaderland. Ook weet ik niet of de vaktijdschriften op het terrein van filosofie en geschiedenis er al een bespreking aan hebben gewijd.

 


Vanochtend heb ik het boek, dat ik op 28 maart 2014 uit handen van Henri zelf mocht ontvangen, voor de tweede maal in z’n geheel uitgelezen (naast dat ik er vaak dingen in opzoek en dan een stukje herlees). En daar ik vooraf meelezer was van het typoscript, heb ik het boek eigenlijk al drie keer gelezen (hoewel ik het redactioneel-kritisch meelezen niet als echt lezen beschouw, maar je krijgt dan uiteraard wel een eerste indruk).

Ik heb me er weer eens over verbaasd hoeveel werk Henri Krop er voor heeft verzet – hoeveel hij heeft nagespeurd en gelezen moet hebben. Ook heb ik weer eens tot mijn genoegen geconstateerd hoe compleet het boek is. Ik mis weinig en ik mag als maker en speurder van dit blog wel beweren dat ik daar enig zicht op heb, daar ik voor dit Spinozaweblog ook veel speurwerk heb verricht. Behalve de paar dingen die ik in mijn eerdere bespreking zei te missen [zie onder], kan ik daar nu slechts twee dingen aan toevoegen. Hij vermeldt niet het aan Spinoza gewijde nummer van Wijsgerig Perspectief van november 1967; terwijl hij wel aandacht besteedt aan dat van 1976 van datzelfde blad en specials van andere tijdschriften. En eigenlijk verbaast het me dat hij geen aandacht besteed aan de proefschriften van Marin Terpstra en Paul Juffermans. Zoveel proefschriften over Spinoza zijn er nu ook weer niet geschreven. Maar die verbazing wordt vooral ook gevoed daar Krop – ondanks zijn niet-essentialistische, maar contextuele geschiedschrijving – toch wal enigszins normatieve waarde hecht aan juist academische aandacht ofwel ‘geleerd spinozisme’. Dan zou je verwachten dat die promoties als belangrijke gebeurtenissen binnen de aandacht voor Spinoza meegenomen zouden zijn.

Ach, dit borrelt zo naar boven tijdens het weer lezen van dit voortreffelijke boek. Het doet dan ook niet echt iets af aan de zeer grote kwaliteit en waarde van het boek. Een boek dat Nederland niet zou hebben als Henri Krop er niet zoveel in had geïnvesteerd aan tijd, moeite en bovenal grote deskundigheid. Dat mogen we ons wel eens goed realiseren. Hier geeft dan ook een zeer dankbare blogger uiting aan zijn vreugde over de goudmijn die hij met deze icoon in handen heeft.

Terecht typeerde de uitgever: "In Spinoza. Een paradoxale icoon van Nederland wordt voor het eerst met een schat aan gegevens geanalyseerd hoe en waarom Spinoza drie eeuwen lang de Nederlanders kon fascineren, en wat hij het Nederland van de eenentwintigste eeuw nog te zeggen heeft."

______________

27 juni 2014: Ruim 300 jaar Spinoza-receptie [1] Inleiding

28 juni 2014: Ruim 300 jaar Spinoza-receptie [2] 

29 juni 2014: Ruim 300 jaar Spinoza-receptie [3] Wat ik vind 

  1 juli 2014: Ruim 300 jaar Spinoza-receptie [4] - wat ik mis