Spinoza en Orlando Furioso van Ludovico Ariosto (1474 - 1533)

In het 7e hoofdstuk van de TTP geeft Spinoza zijn visie over hoe je te werk moet gaan om de Schrift te verklaren. De methode is geen andere dan die waarmee de natuur wordt verklaard. We moeten vooral voorkomen dat we er allerlei inhouden, interpretaties, van buitenaf in leggen: de feiten moeten enkel en alleen uit de Schrift worden gehaald. Verder moeten we zoveel mogelijk de taal van de auteurs, van de tijd waarin en de manier waarop de boeken zijn ontstaan, te weten zien te komen. Over dit laatste, we zijn dan aanbeland in paragraaf 7 waarin Spinoza laat zien hoe wij boeken lezen met in ons hoofd meningen over de schrijvers ervan, schrijft hij:

“Ik weet dat ik eens in een boek gelezen heb hoe een man, Orlando furioso genaamd, op een gevleugeld monster in de lucht placht te rijden, over alle streken die hij maar wilde heen vloog, een geweldig aantal mensen en reuzen in zijn eentje doodde en meer van dat soort verzinsels, die met het rationele verstand volstrekt niet te begrijpen zijn. Maar een soortgelijk verhaal had ik in Ovidius over Perseus gelezen en nog weer een ander in de boeken van de Richteren en van Koningen over Simson (die alleen en ongewapend duizenden mensen doodde), en over Elia die door de lucht vloog en tenslotte met vurige paarden en een wagen naar de hemel ging. Deze verhalen, zo zeg ik , lijken als twee druppels water op elkaar, maar toch vormen wij ons een geheel verschillend oordeel over elk ervan. Namelijk dat de eerste auteur alleen maar beuzelingen heeft willen opschrijven, de tweede staatkundige zaken en de derde heilige geschiedenissen, en tot deze overtuigingen komen wij om geen andere reden dan om de meningen die wij over de schrijvers hebben.” [Vert. F. Akkermans]

Deze passage is om meerdere redenen interessant. Je proeft dat de filoloog in Spinoza vindt dat we die verhalen over zich door de lucht bewegende paarden en mensen als van eenzelfde soort, n.l. fantasieën, over een kam moeten scheren; of we moeten heel goede redenen hebben om die verhalen verschillend te duiden.
Een reden waarom de passage ook interessant is, is dat het een van de weinige getuigenissen van Spinoza is over een boek dat hij heeft gelezen, terwijl het niet op de lijst voorkomt van zijn boekenbezit die na zijn dood is opgesteld.

K.O. Meinsma gaat ervan uit dat Spinoza Italiaans las, want hij schrijft in Spinoza en zijn Kring – over Hollandse Vrijgeesten (1896, blz 353): “Ofschoon wij weten, dat hij ook met het Italiaansch vertrouwd was, en bv. Ariosto's Orlando Furioso gelezen had, worden wij daaraan slechts herinnerd door een woordenboek, een werkje dat den titel droeg „Visioni politiche" en den naam van Petrarca. Want de verhandeling, die Spinoza van den beroemden Italiaan bezat — „ Over het eenzaam leven " — was in 't Latijn.”

Maar Akkermans veronderstelt kennelijk dat Spinoza het in het Nederlands las. Zijn toelichtende voetnoot luidt:

“Hier vergist Spinoza zich, want in het heldendicht Orlando furioso van Ludovico Ariosto (1474-1533) was het niet Orlando, maar de ridder Ruggiero die door de lucht reed (Boek 10, vs 66 e.v.). Dit werk was in vrijwel alle talen van Europa vertaald, ook in het Nederlands (E. v. Sicerom, 1612; J.J. Schipper, 1649).”

 Ludovico Ariosto

Naast Dante’s Divina Commedia en Petrarca’s Canzoniere behoort Orlando Furioso van Ludovico Ariosto tot de hoogtepunten van de Italiaanse cultuur en tot de langste gedichten ter wereld. Ariosto heeft er een groot deel van zijn leven aan gewerkt; tijdens zijn leven verschenen drie, telkens uitgebreide en gewijzigde versies; de eerste in 1516, de derde in 1532. Het boek werd zeer gewaardeerd en is vele malen herdrukt en in vele talen vertaald.

De recentste complete Nederlandse vertaling van Ike Cialona is door Athenaeum Polak & Van Gennep in 1998 als Orlando furioso. De Razende Roeland in twee delen en vorig jaar in één deel van 1326 pagina’s heruitgegeven.

Ik heb het onlangs ter hand genomen, niet om het in z’n geheel te gaan lezen, maar om er eens aan te snuffelen, daar Spinoza het gelezen heeft, hoewel het ook mogelijk is dat hij er slechts over had gelezen.

Het epische gedicht vertelt over de strijd tussen Orlando (Roeland), de paladijn van Karel de Grote, en de Saracenen. Het zit als ridderroman vol avonturen- en liefdesverhalen. Hier een leeservaring van iemand: “We betreden hier de wereld van het ridderepos, of de romance, en worden meegenomen op een stroom van avonturen, betoveringen, tweegevechten, plotseling opstekende liefdes en net zo snel neerdalende haat, monsters, kwade koningen, goede ridders -- en wellustige monniken die impotent blijken te zijn. Zestiende eeuw, Italië: we zitten al een heel eind in de Renaissance, en niemand zou Ariosto kunnen verwarren met een serieus middeleeuws werk. Hij gelooft niet in ridders, laat staan in hoofse liefde. Maar hij gelooft wel in verbeeldingskracht, snelheid, en humor!” [van hier]

 

Deze prent van Gustave Doré (1832 –1883) die naast de Bijbel ook Orlando Furioso illustreerde, kon Spinoza uiteraard niet bekend zijn.

Ruggiero op de hippogrief