Spinoza Redivivus

In 1917 begon de ‘Weltphilosophischer Verlag Halle (Saale)’ een ambitieuze reeks over Spinoza, waarvan de veertien voorgenomen titels al direct op de achterzijde van de uitgave werden gemeld (zie onder).

Begonnen werd met Spinoza Redivivus. Eine Fibel für Anfänger und Verächter der Philosophie. Mit 22 Figuren im Text. Halle, 1917, 21919. 135 pp.

Dit werd beschouwd als de inleiding op de hele serie.

De tweede uitgave zou – opmerkelijk – gaan over: Augustinus Redivivus. Des heiligen Kirchervaters philosophisches Weltbild. In umrissen gezeichnet nach den Bekenntnissen. [Halle, 1919]

De opzet was kennelijk - zo werd al spoedig duidelijk - een Spinoza-Zyklus, waarbij Spinoza in het verlengde van Augustinus werd gebracht. Zoals bij archive.org is te zien gaat veel van Augustinus Redivivus over Spinoza.

Van de 14 geplande delen verschenen er uiteindelijk slechts 7, waaronder (niet geheel het gepubliceerde uitgeefplan volgend):

Zum Charakter Spinozas. Vom Verfasser des Spinoza Redivivus und Augustinus Redivivus (Der Philosophischen Weltbibliothek, dritter Band, Halle, 1919)

Aanvulling 20 november 2015: op 15 april 2014 werd de Dritte Auflage door archive.org gedigitaliseerd; het telt 162 pagina's.

 

Afbeelding van de website van Lotte Egtberts Der Briefwechsel Spinozas. Ein Menschenbild. Erster und zweiter Teil. Vom Verfasser des Spinoza Redivivus und Augustinus Redivivus. (Der Philosophischen Weltbibliothek, vierter Band, erster und zweiter Teil).

Der Gleichlaut von Glauben und Wissen. Nach Augustins Buche über die wahre Religion. Vom Verfasser des Spinoza Redivivus und Augustinus Redivivus. Der Philosophischen Weltbibliothek, fünfter Band. Halle (Saale), Weltphilosophischer Verlag. 1920  [cf]

Gegenstand und Weise von Erfahrung und Transzendenz. Die Grundlagen der Philosophie. Vom Verfasser des Spinoza Redivivus und Augustinus Redivivus (Der Philosophischen Weltbibliothek siebenter Band. Halle, 1921)

Iets meer over het project
Of op de binnenzijde van de kaft van de uitgave van 1917 die lof aan de uitgever van een bewonderaar al staat, weet ik niet, mijn exemplaar van 1919 heeft, ondertekend door ene B., een brief “An die Schriftleitung der Philosophischen Weltbibliothek!” Die B vindt van het inleidende eerste deel: “Das Werkchen Liest sich wie der spannendste Roman…” Het lijkt inderdaad een ‘who done it?’… wie schreef het? Die eerst-opgevoerde bespreker, die kennelijk toch wel tot de ingewijden of zelfs tot het (com)plot hoort, schrijft dat hij als opzet vermoedt dat nog andere filosofen in de Filosofische Wereldbibliotheek opgenomen zullen worden, die dan zullen worden beoordeeld, ja geopend, met de bij Spinoza gevonden sleutel: te weten de ongeconditioneerde waarheid, zekerheid en noodzakelijkheid zodat het ware van het valse van die leren wordt afgezonderd. Ook schrijft hij lovend: “Welch seltsames Doppelgestirn, Augustinus und Spinoza!”

Wie was de auteur en redacteur?
Wie mocht menen dat deze auteur en redacteur wellicht zichzelf zag als de Spinoza Redivivus werd al snel uit de droom geholpen door de aanduiding in het volgende werk: ‘Vom Verfasser des Spinoza Redivivus.’ Vanaf het derde deel heette het telkens: “Vom Verfasser des Spinoza Redivivus und Augustinus Redivivus.” Maar wie was die inleider en bezorger van die werken? Die werd nergens vermeld en dus werd er gespeculeerd. Wie kon in staat worden geacht tot het dragen van een dergelijk omvangrijk project?  
Wie er als eerste mee op de proppen is gekomen weet ik niet, maar geruime tijd werd aangenomen dat Carl Gebhardt verantwoordelijk voor de reeks was. Dat werd een behoorlijk hardnekkige aanname, want zelfs in de later opgezette Duitse Spinoza Bibliografie staat Spinoza Redivivus op [tussen haken] aangenomen naam van C. Gebhardt.

De vraag wie als samensteller verantwoordelijk was voor de reeks is nooit echt opgehelderd. Wel schreef Stanislaus von Dunin-Borkowski in zijn Spinoza nach dreihundert Jahren (Berlin, Verlag Dümmler, 1932) op bladzijde 177:
„Andere Arbeiten, wie die vier Spinozabände des Autors der "philosophischen Weltbibliothek" bieten eine so verwundersame Auffassung des Spinozismus, dasz jedes Bedenken von vornherein als aussichtslos verstummt; wenn man auch zugeben wird, dasz der Verfasser (Notar Glatzel) mit ausserordentlicher Liebe und reichem Wissen seinem Neigungsgegenstand nachgegangen ist.“ [Miriam van Reijen was zo vriendelijk mij dit citaat uit het werk door te geven].

Over die „Notar Glatzel“ is verder niets bekend. Wel nam Manfred Walther het bericht serieus en vermeldde in de bibliografie van andere brievenuitgaven in de door hem bezorgde Baruch de Spinoza Briefwechsel in de Philosophische Bibliothek van Felix Meiner Verlag [Bd 6: Briefe. Hamburg, 1986]:
(Spinoza:) Der Briefwechsel Spinozas. Ein Menschenbild. Vom Verfasser des Spinoza Redivivus und Augustinus Redivivus (=Notar Glatzel. Wa.). 2 Bde(Philosophischen Weltbibliothek Bd. 3) Halle: Weltphilos. Verlag, 1919/20. [cf books.google - info van deze paragraaf vond ik op de.wikipedia over Gebhardt]

Spinoza als Neigungsgegenstand
Voor die Notaris Glatzel was Spinoza zoals von Dunin-Borkowski treffend weergeeft een ‚Neigungsgegenstand.‘ In het eerste hoofdstuk van Spinoza Redivivus geeft hij uitvoerige beschouwingen met vele citaten over het manco van de filosofie die in de duizenden jaren van haar bestaan het nog niet gelukt is een definitie van de eigen activiteit te geven, haar onderwerp duidelijk aan te geven, met eigen gereedschap of onderzoekmethode te werken, laat staan vrucht af te werpen - zekere resultaten bereikt te hebben. Het is niet eens duidelijk wat 'een voorstelling’ is, of bewustzijn of denken; ofwel lijkt de natuurlijke vrucht van dat alles: scepsis.
Tot daarna blijkt dat Spinoza niet onder die kritiek valt maar dé oplossing heeft gegeven. En vervolgens laat hij zien dat Spinoza het met zijn kritische analyse van de filosofie eens is door – en dat is dan toch wel een aandoenlijke interpretatie  – zijn Cogitata Metafysica aan te vangen met: „Over de definitie van deze wetenschap [metafysica] wil ik niets zeggen en evenmin over de vraag waarover hij handelt.“ 

Mit 22 Figuren
De 22 figuren waarvan bij Spinoza Redivivus sprake is, slaan op de „Beilage I Euklid’s Elemente“, waarin „fünfzehn Bücher, aus dem Griechischen überzetzt.“ De notaris vond het wel handig om zo de geometrische aanpak duidelijk herkenbaar te maken.

Reacties

Verrukkelijke lectuur, Stan, wat je hier aanbiedt! Mij trof nog in het bijzonder de korte inhoudsopgave van het voorgenomen 7e deel SPINOZA'S GROSZE ETHIK: Gott, Mensch, Tier. Lachwekkend, en toch ook weer niet.