"Spinoza the atheist"? Niet doen…

"Spinoza in Vlaanderen" blijft – net als dit blog van mij - een eenmansbedrijfje van Karel D’huyvetters, met dit verschil dat hier op dit blog gereageerd kan worden, terwijl Karel het leuk vindt een steeds langere rij namen van “ondersteuners van Spinoza in Vlaanderen” op zijn site te krijgen. Inmiddels al 46. Als een van de laatsten heeft hij Steven Nadler geworven, van wie hij (met toestemming) tegelijk een artikeltje uit 2006 vertaalde en op de site zette: “Spinoza the atheist” werd “Spinoza atheïst” [zie hier]. Dat stukje is een verkorte en meer gepopulariseerde versie van de uitvoeriger interessante paragraaf “Pantheist or atheist?” in zijn boek uit datzelfde jaar: Spinoza’s Ethics. An introduction [CUP, 2006]. Waarbij het lijkt alsof het om een keuze tussen die twee gaat.

Nadler behandelt Spinoza’s verzet tegen de typering door Van Velthuysen dat hij atheïst zou zijn, maar vindt dat Spinoza’s levensstijl (die hij inbrengt) en de waarden die hij zegt te hanteren er niet toe doen. Door de gelijkstelling van God met de natuur en door de benadrukking dat de natuur geen doelen nastreeft en geen voorzienige bekommernis voor wie dan ook heeft, is volkomen duidelijk dat niets ervan nog lijkt op de God van de joden en de christenen. Om die reden werd Spinoza vanaf de 17e eeuw atheïst genoemd – en Nadler sluit zich hierbij aan.

Hierna laat hij uitgebreid en helder zien dat het toepassen van het begrip pantheïsme op Spinoza nergens op slaat. Ben het helemaal ermee eens dat pantheïsme nog te veel religieuze psychische attitudes heeft van aanbidding en verering van de (‘heilige’) natuur. Pantheïsme valt dus sowieso af [dat had ik al gezien in een van mijn eerste blogs op 14 okt. 2007 - ook in vele latere blogs heb ik mij tegen Spinoza als pantheïst zien verzet]. En daar Nadler het onderwerp als een dichotomie brengt, blijft dus atheïsme over.

De eerste jaren waarin ik mij in Spinoza verdiepte ging ik met die opvatting mee en was ik het eens met Steven Nadler. In een blog van 8 dec. 2010 over de vraag of Spinoza atheïst was, waarin ik bekende van mening te zijn veranderd, blikte ik terug op de posities die Nadler en De Dijn in een Spinozabijeenkomst in juli 2008 in de Amsterdamse Westerkerk innamen. De Dijn ging daarbij zelfs zover Spinoza’s God transcendent te noemen. Inmiddels heb ik er bezwaar tegen dat, zoals Steven Nadler en Jonathan Israel doen, Spinoza zo nadrukkelijk atheïst wordt genoemd. Die navolging van zijn 17e eeuwse en latere tegenstanders en 18e eeuwse verlichte medestanders gaat geheel aan Spinoza’s intenties voorbij en geeft voorrang aan die zienswijze die tot beoordelingscriterium wordt gemaakt, n.l. dat de antropomorfe, persoonlijke, voorzienige God van de monotheïstische godsdiensten als de enige ‘echte’ God gezien moet worden en dat wat Spinoza ons als zijn God voorzet 'dus' geen echte God is. En dat hij dús atheïst is. Maar klopt dat? Is ‘theïsme’ alleen dat zoals het in die godsdiensten wordt gezien?

Spinoza had een duidelijk pedagogisch-didactisch doel: hij wilde die zienswijze doorbreken. Hij gebruikte allerlei noties en attributen waarmee (gelovige) filosofen in de voorafgaande eeuwen de werkelijkheid van God hadden benaderd. Die noties die hij vruchtbaar achtte, bracht hij onder in zijn filosofische systeem (God, attributen, intellectus infinitus etc.). Maar de natuur waaraan hij God gelijkstelde was niet de fysicalistische, materialistische, gereduceerde natuur van de natuurwetenschappen, maar omvatte méér attributen dan uitgebreidheid, met name het denkattribuut (en verder nog een oneindigheid aan ons onkenbare attributen).

Dat het zijn bedoeling was mensen op dát spoor naar díe God te krijgen, maakte hij meteen duidelijk na de schets van zijn metafysica in de Appendix van het eerste deel van de Ethica. Hij wilde bevorderen dat men de imaginaire teleologische en antropomorfe manier van over God denken en spreken achter zich zou laten. Maar wie die superstitieuze, valse godsvoorstelling verlaat en de Spinozistische omarmt, is daarmee nog geen atheïst, maar is een volkomen andersoortig theïst, wiens monisme (hoewel enige termen zijn overgenomen) in niets meer lijkt op wat men er in het monotheïsme van had gemaakt.

Kortom, wie Spinoza atheïst noemt, hanteert het criterium van de dominante godsdiensten en heeft nog teveel de foute, want imaginaire (‘echte’) God in gedachten. Ja, vandaaruit gezien is Spinoza atheïst. Maar wie bepaalt dat we het vandaaruit dienen te zien?

De juiste houding in het theïsme van Spinoza is inderdaad geen aanbidding van de natuur. Hem gaat het om wetenschappelijk kennen en inzichtelijk (intuïtief) begrijpen van God of de natuur. In Spinoza’s ‘naturalistische’ en ‘rationalistische’ project mag de scientia intuitiva (de intuitus), die met name maakt dat we steeds onszelf als onderdeel van het onderzochte geheel bewust zijn en méér bewust worden, niet vergeten worden (dat bijzondere enkelding zien "sub specie aeternitatis").

Om nu te zeggen dat niet alleen God ‘genaturaliseerd’ wordt, maar dat ook de natuur ‘vergoddelijkt’ wordt, gaat wellicht weer wat te ver – kan weer te snel tot misverstand leiden. Maar dat – met en via zijn godsbegrip – de natuur bij Spinoza méér, rijker is dan bij vele wetenschappers, mag je toch wel zeggen. En daarom heeft het zin om Spinoza’s eigensoortige theïsme te beklemtonen en vast te blijven houden. En hem dus vooral geen atheïst te noemen – laat staan ‘de’ atheïst.

Reacties

Graag onderschrijf ik je betoog, dat het VERKEERD is om Spinoza een atheist te noemen. Dat getuigt van een ongepste en misplaatste inschikkelijkheid jegens negativisten. Hoe zou men trouwens iemand zo kunnen karakteriseren die niet alleen stelt, maar ook bewijst dat "de menselijke ziel een adequate kennis heeft van het eeuwige en oneindige wezen gods heeft" en haar geluk bereikt in "de intellectuele godsliefde"? De grote clandestiene volgelingen (Locke, Mandeville, Hume) hebben daarom ook altijd de populistische of quasi geleerde misgreep vermeden.

Mooi betoog Stan, ik had het nog niet eerder op die manier gezien.

Bedankt Stan en Wim voor jullie teksten waar ik me volledig bij kan aansluiten - ze drukken wellicht beter mijn mening uit dan ik ze zelf zou kunnen formuleren. Een detail: Wim, je schrijft "de menselijke ziel..."; moet dat niet eerder "de menselijke geest" zijn? Ziel klinkt zo Platonistisch of christelijk, het geeft de indruk dat de mens nog meer is dan geest en lichaam.
Eigenlijk is heel die discussie atheïst-pan(en)theïst weinig zinvol in het geval van Spinoza: zijn denken is zo uniek dat het zich niet in deze categorieën laat uitdrukken.

Het is juist 'geest', Marc, dat de toehoorder gemakkelijk op een platoons-dualistisch dwaalspoor brengt. Cf the ghost in the machine. Maar ik besef dat ik een afwijkende mening koester, aangezien in ons taalgebied bijna iedereen voor 'geest' is geporteerd. Ik verwijs voor mijn standpunt naar een klassiek artikel hierover van mijn helaas overleden Italiaanse collega Emilia Giancotti Boscherini over 'mens' (= mind) bij Spinoza.

Stan,
Van Dale's woordenboek definieert theïsme als: geloof aan een in de wereld werkende en als Schepper boven de mens staande, zelfbewuste, persoonlijke, levende God.
Volgens deze definitie is Spinoza geen theïst.

Adrie, Van Dale's woordenboek geeft niet Spinoza's definitie, klopt. Het woordenboek is ook geen filosofisch handboek.

Stan, 2 opmerkingen:
1. In Penguin dictionary of Philosophy, lemma Theism:
"Theism: the belief that there is one God, a personal being with every perfection; creator of the world, manifested in the world, interacting with the world, but nevertheless entirely separately from the world; a being that is the one and only proper object of worship and obedience. Theism is common to Judaism, Christianity and Islam."
Het lemma stelt verder dat theïsme onderscheiden moet worden van de volgende opvattingen: 1. polytheïsme, 2. opvattingen in filosofische systemen dat God onpersoonlijk is, 3. pantheïsme, dat God gelijkstelt aan de wereld, 4. deïsme, dat beweert dat God niet ingrijpt in de wereld, maar haar alleen in gang zet, 5. atheïsme, 6. agnosticisme.
2. Spinoza verdedigt zich in Br 43 aan Ostens/Velthuysen niet tegen de beschuldiging van atheïsme, maar alleen tegen het sociaal odium dat er op rust

Adrie, dank voor de Penguin omschrijving. Alles klopt eraan en tegenover dát theïsme, "common to Judaism, Christianity and Islam", zette Spinoza dus een volkomen nieuw theïsme. Maar dat zal de woordenboeken niet halen. Vanuit die woordenboekenmeerderheidsdefinities mag Spinoza echter nog geen atheïst, deïst of pantheïst genoemd worden. Hij is een anders-theïst.
De hoofdredacteur van de dikke Van Dale, Ton den Boom, vandaag in Trouw: "Ik heb een degelijke, christelijke opvoeding gehad. Voor school leerde ik psalmversjes uit het hoofd. Dan leer je vanzelf de magie van taal kennen." Ik bedoel maar...

Arie: schending van de sociaal-politieke orde is wel degelijk essentieel in het 17e eeuwse atheisme-begrip. Dat blijkt ook uit Locke's beruchte wering van atheisten in zijn EPISTOLA DE TOLERANTIA. "Degenen kunnen geen van alllen worden getolereerd die het bestaan van god ontkennen. Beloften, eden en overeenkomsten, die de boeien van de menselijke gemeenschap zijn, kunnen geen vat hebben op de atheist". 'atheist' is min of meer gelijk aan 'anarchist'.

Stan, Spinoza, de 'anders-theïst', vind je dat een geloofwaardige term voor een grootheid als Spinoza? De term past meer bij een losgeslagen pasto(o)r.
Wim, een reden te meer voor Spinoza om van het odium van atheïsme af te komen.

Adrie, begrijp ik je goed dat je 'Spinoza de atheïst' als een geuzennaam wilt zien (zonder odium)? Maar waar laat je dan al zijn spreken van God? En waar zijn strijd tegen het dominante godsbeeld?

Stan, de door jou niet erg geapprecieerde Jonathan Bennett is een supporter van de opvatting 'Spinoza-theïst'. In par. 9 van zijn boek zegt hij dat Spinoza door God geobsedeerd was, en van mening was dat hij zaken over God ontdekt had, en niet dat hij ontdekt had dat er geen God was.
Bien étonnés de se trouver ensemble.

Spinoza is inderdaad een naturalist. Maar zonder materie, dood of levend, geen geest/ziel (denkattribuut). Andersom, kent dode materie geen geest/ziel. Maw, een naturalist is vanzelf ook een materialist.

Verder kan de term "God" in de Ethica zonder verlies van betekenis vervangen worden door de term "Natuur" in de volle betekenis van Spinoza's kenbare attributen geest en materie.

Eens/oneens?

Dag, Fred Neerhoff, welkom terug...
De term "God" liever niet vervangen door de term "Natuur" (of door "Leven", zoals Van Vloten bedacht). Die discussie is al vaker gevoerd. Wennen aan Spinoza's God (en die andere invulling van het theïsme gewoon vergeten) levert mogelijk winst op: kan op den duur helpen die imaginaire Godsopvattingen te overwinnen (zegt de Spinoptimist).

Fred en Stan,
1. 'God' vervangen door 'Natuur' maakt van de Ethica een natuurkundig traktaat, door 'Leven' een biologisch traktaat, waarbij het lijkt of een groot deel van de 'dode' materie er niet toe doet.
2. Ik denk dat Spinoza inderdaad meende dat hij zaken over de joodse/christelijke/mohammedaanse God ontdekt had die fundamenteler waren dan die gepropageerd worden door deze religies, en dat hij daarom het godsbegrip handhaafde.
3. De term 'theïst' voor Spinoza is, zoals ik bovenstaand aantoonde in strijd met gangbaar taalgebruik. ik was daarom verbaasd dat Bennett hem een theïst noemde. Ik denk dat 'pantheïst', of 'panentheïst' uiteindelijk de beste term is, en dat Spinoza in de praktijk een atheïst was, omdat hij buiten elke godsdienst stond.

Adrie,
Volgens het door jouzelf opgeworpen bezwaar tegen de term “theïsme” in verband met Spinoza’s filosofie – met welk bezwaar ik het overigens volledig eens ben – is volgens dezelfde argumentatie ook de term “pantheïst” of “panentheïst” niet adequaat. Naar mijn smaak dekt de term “naturalist/materialist” de lading beter. Voor Spinoza’s praktisch politieke opstelling lijkt mij “atheïst” inderdaad een correcte omschrijving.

In mijn perceptie is Spinoza een atheïst binnen het eerste kennisnivo, een naturalist binnen het tweede kennisnivo en een 'theïst' binnnen het derde kennisnivo.

Dit is een mooie bijdrage om eens over na te denken.
Bedankt Teun Derks.
Voor de duidelijkheid (zo versta ik het): bedoeld is het kennisnivo van ons, discussianten.

Teun,
Jouw visie neemt het evidente bezwaar tegen de gangbare betekenis van term "theïst" niet weg. Theïsme verwijst immers naar een transcedente entiteit. En dit, terwijl wij allen weten allen dat Spinoza' s God indentiek is aan de Natuur (in de volle betekenis van Spinoza's attributen.)

Enfin, zo kunnen we bezig blijven. Ik stel voor de discussie hier af te breken.
Er zijn twee tegenovergestelde standpunten:
• Zij die uitgaan van de dominante opvatting der gelovigen (en de woordenboeken) waarbij 'theïsme' naar transcendentie verwijst;
• Zij die ervan uitgaan dat Spinoza tegenover dát 'theïsme' het zijne wilde stellen, mede om twijfelende gelovigen te helpen beseffen dat je ook anders tegen 'theïsme' kunt aankijken (n.l. als de God zoals Spinoza die ziet)
We kunnen vaststellen dat, althans in de reacties op dit blog, deze zienswijzen tegenover elkaar blijven staan en elk geen duimbreed toegeven.
Het heeft m.i. dan weinig zin daarmee door te geen. Maar ik verbied uiteraard niemand iets!

Stan,
Ik kan niet in de bedoelingen van Spinoza treden, maar stel slechts vast.

Ik reageer buiten de tijd. Heb ik weer! Maar Spinoza mijn held is beslist geen aheïst. Hij geeft alleeen een ander godsbegrip aan dan het bijgeloof van Christenern, Joden en de thans extremistische variant van het bijgeloof uit de islam de Moslims. Spinoza's God heet Substantie met oneindig veel attributen, zo slim zijn we nu ook weer niet als wij slechts twee ervan kennen. Spinoza's God is immanent niet transcedent zoals bij de aanhangers van het bijgeloof. Aanvaard nu eens, ozo slimme niksweters, dat Spinoza de echte God of Natuur op papier heeft gezet. Dat Fred weer mee doet daar kunnen we plezier aan beleven (hum!). Ik vind de bijdrage van Teun Derks bijzonder waardevol. Denk als Spinozist daarover na!