Spinoza's God kent geen gratie

Overigens ben ik van mening dat de frase waarmee de Nederlandse wetten openen...

"Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

... eindelijk maar eens afgeschaft moet worden.

De God van Spinoza kent geen gratie, dus betekent die zinsnede helemaal niets.

En dan spreek ik nog niet eens van het afschaffen van het koningsschap zelf. Een koningsschap dat van alle kanten is ingepakt, zoals Spinoza het in zijn Politiek traktaat beschreef, valt te dulden. Het gaat me alleen om die 'gratie Gods'. De gratie komt van het volk, zolang dat in overgrote meerderheid het koningsschap deels 'wil' en grotendeels gedoogt.
Om meer dan een gedoogakkoord gaat het eigenlijk niet. Maar dan kan die uit de Middeleeuwen (en z'n droit divin) stammende 'gratie Gods' toch eindelijk wel eens losgelaten worden, zoals het meeste volk ook al van God los is. 

Ziehier een aardig informatief stukje Koningin bij de gratie Gods over de herkomst van 'de gratie Gods' van drs. M. den Admirant, waarvan ik alleen de conclusie niet deel, n.l  dat, daar de frase alleen verwijst naar de oorsprong van de Nederlandse monarchie, "er dus geen reden [is] om de bedoelde woorden uit de aanhef van de Nederlandse wetten te schrappen."
Ook aan het begin ervan was er echter geen 'gratie Gods'.

Heel mooi om in herinnering te houden is de uitspraak die Conrad Busken Huet in 1865 deed en die in dat stukje wordt geciteerd:
"In feite is Nederland sedert 1848 ‘een democratische republiek met een vorst uit het Huis van Oranje als erfelijk voorzitter.’"

Voormalig PvdA-Kamerlid Lambert Giebels schreef in 2009 in het wetenschappelijk tijdschrift van zijn partij dat hij zich niet kon voorstellen dat Willem-Alexander (,,man van deze tijd’’) koning wordt onder de formule ,,Wij Willem-Alexander bij de gratie Gods koning der Nederlanden’’. Die formulering geeft volgens Giebels aanstoot aan niet-christenen. Zoals jaren eerder voormalig D66-fractieleider Thom de Graaf, bepleit hij een louter ceremonieel koningschap naar Zweeds voorbeeld.

Ik zeg: laat het koningsschap maar bij ‘een stijlvolle representatie van ons land tegenover het buitenland’ blijven, of voor mijn part onder Willem-Alexander en Màxima nog meer tot nationaal symbool van oranje-emotie uitgroeien (in tijden van voetbal of elfstedentocht), maar zonder calvinistische Oranjetheologie (Herman Philipse) of welke theologisch-politieke betekenis dan ook. Zelfs illusiefuncties als ‘de boel bij elkaar houden’ en ‘de continuïteit garanderen’, waar mr. Tjeenk Willink ooit mee kwam aanzetten, gaan eigenlijk al te ver - want rieken teveel naar legitimeringen achter de rug om van het volk.  

H.J. Heldring, columnist van NRC Handelsblad stelde in een beschouwing over het koningschap ‘bij de gratie Gods’ heel boud de "onlosmakelijke samenhang van religie en monarchie." De enige legitimatie van het koningschap zou de gratie Gods zijn. Valt die weg, dan vervalt ook zijn rechtmatigheid en kunnen we het koningshuis meteen afschaffen.  Daartoe hoeven we niet allemaal in die gratie Gods te geloven. De fictie is voldoende, maar dan dienen we wel met z’n allen die fictie in stand te houden.  "Zonder gratie Gods – of die nu werkelijkheid dan wel fictie is – geen koningschap".  Er is dus volgens Heldring eigenlijk geen andere rechtvaardiging van het erfelijk koningschap dan een theologische.
[Dit schreef ethicus en theoloog Frits de Lange ooit in Kroniek Geref. Theol. Tijdschrift., [jrg. 2000, nr 3] en bewaarde 't voor ons op zijn website.]

Ik wens niet mee te doen aan de instandhouding van die fictie en geloof ook niet aan zulke onzin dat als 'de gratie Gods' zou worden geschrapt het koningsschap zelf direct zou instorten. Alsof het met die fictionele roman van drie woordjes overeind zou worden gehouden. Laat het dan maar instorten ook.

Sommigen beginnen dan meteen over "onze vorstin Batrix" en hoe goed die het wel zou doen, maar dat heeft er helemaal niets mee te maken.

Reacties

"Ieder mens moet zich onderwerpen aan de overheden, die boven hem staan. Want er is geen overheid dan door God en die er zijn, zijn door God gesteld".

Onschuldig is de formule 'bij de gratie Gods' allerminst. Zij verwijst naar de voorhistorische opvatting, door koningen zelf verzonnen om het volk te bedriegen en daardoor hun heerschappij te stabiliseren, dat zij heersen in opdracht van god en van hem speciale hulp en aanwijzingen krijgen. De formule is een restant van de verdedigingslinie van het absolute koningschap. Zo schreef een zekere Robert Filmer een boek onder de titel "Patriarcha or the natural right of kings" (posthuum in 1680 gepubliceerd), waarin hij hij het recht van het absolute koningschap van de Stuarts verdedigde met tal van bijbelse teksten (zoals die hierboven vermeld). Locke, de rasechte Spinozist (in alle opzichten: epistemologisch zowel als politicologisch), maakte gehak van dit boek in het eerste van zijn TWO TREATISES OF GOVERNMENT (1690).Volgens Spinoza is letterlijk alles een effect van de Natuur, dus theologisch gesproken: 'bij de gratie van god = natuur'. Wie zich op iets speciaals beroept of zich een privilege aanmatigt bedrijft een misleidingstruc.

En natuurlijk - dat vergat ik nog - moet de formule ten snelste worden gewijzigd in: "bij de gratie van het volk" (zo lang ook als het volk het gunt of toestaat). De valse ideologie heeft lang genoeg een verderfelijke rol gespeeld. Modern en democratisch koningschap kan niets anders inhouden dan een tijdelijk en niet-erfelijk presidentschap.Aanspraken van een dynastie op een soort 'recht' passen daar niet in.

Maar zolang het volk sprookjes wil en dan – uit terecht bijgeloof – meent dat die illusie alleen via overerving in stand kan worden gehouden, kan de fictie van een koninklijke dynastieke erfopvolging worden aangehouden. Niet als aanspraak van de zijde van de sprookjesmonarch en z'n kliek, maar als gevolg van de 'volkssoevereiniteit', waarbij een groot deel van het volk overigens niet eens doorheeft dat het er voor de schijn afstand van heeft gedaan. Want in dat sprookjestoneelstukje geldt: een koning kies je niet - een koning wordt je gegeven (alsof). Wat dat betreft zijn de Duitsers best jaloers op ons Nederlanders.

Laat er dus na Beatrix maar in de aanhef van de wetten en besluiten komen te staan "Wij, het volk en Willem-Alexander, bij de gratie van het volk, koning der Nederlanden, enz. enz. enz."
En dat "Wij" is zo voortaan niet meer een (merkwaardig) pluralis majestatis, maar een pluralis populi, waarmee duidelijk wordt gemaakt: regnat populus [het volk regeert], zoals het staatsmotto van Arkansas luidt.

En vanwege het aloude gezegde "vox populi vox Dei" wordt de legitimering van de koningsmacht toch weer een beetje als "van God gegeven".

Uit hoe Flaccus Albinus Alcuinus in een brief uit 798 aan Karel de Grote schreef is af te leiden dat de uitdrukking vox populi vox Dei een al oude staande uitdrukking was. Waar hij moeite mee had. Hij schreef: "nec audiendi qui solent dicere vox populi vox Dei quum tumultuositas vulgi semper insaniae proxima sit." [En men dient niet te luisteren naar hen die plegen te zeggen: de stem van het volk, is de stem van God, want het tumult van het gepeupel is altijd de waanzin nabij. [Opera, Epistola 164; zie het www]

Maar Spinoza zou er geen moeite mee hebben om in "vox populi vox Dei" te erkennen. Want alles is in God en zonder God kan niets zijn noch begrepen worden. En dat er dan vooral waan wordt gehoord – daar was hij het ook mee eens.

Stan,
1. Naar ik begrijp verliep de 'gratie Gods' tot aan de Reformatie via de paus, die als Gods plaatsvervanger de kroning al of niet kon weigeren. In de mooie BBC serie 'The Tudors' fluistert Anna Boleyn rooms-koning Hendrik VIII echter in dat hij, volgens het Lutheranisme, zonder toestamming van de paus kan scheiden van Catharina van Aragon, en met haar kon trouwen, omdat hij zijn koningschap rechtstreeks van God ontving, zonder bemiddeling van de paus. Het werd de aanleiding voor de stichting v.d. Anglicaanse staatskerk, waarbij priesters gedwongen werden om trouw te zweren aan de koning; Thomas More weigerde en werd onthoofd (maar wel heilig verklaard, en op de lange termijn gezien wellicht veel eervoller). De instelling van de staatskerk ontstond dus als gevolg van een echtscheidingsprocedure.
2. De koning verkrijgt door zijn kroning een tweede lichaam: naast zijn sterfelijk lichaam ook een goddelijk lichaam, dat onkwetsbaar is, en wiens uitspraken eeuwige geldigheid hebben.
3. De massa bij Spinoza:
– De passieve massa is onkundig van zichzelf, fluctueert tussen over- en onderschatting van haar eigen macht o.i.v. de fortuin. Dit leidt tot onderwerping en opstand, toewijding voor 'profeten' en 'grote mannen' die de Voorzienigheid haar zendt, en haat voor de heersers.
– De actieve massa is het burgercollectief dat via de instituties handelend beslissen kan, en de gevolgen van haar beslissingen kan bijsturen.
– De absolute staat. Als de massa volledig actief is, d.w.z. volmaakt geïnstitutionaliseerd is, heeft de staat absolute macht, een interne stabiliteit die een soort eeuwigheid benadert.
De term Species aeternitatis of sub aeternitatis specie komt voor in Spinoza's derde kennissoort, die van de afzonderlijke dingen (E5p22 e.v). In TP8.3 en 10.1-2 keert de idee van eeuwigheid weer terug in de context van de voorwaarden die de stabiliteit van het regime voor onbepaalde tijd kunnen garanderen. De basis blijft echter de macht van het 'individu' (zie Balibar: Spinoza and politics, Ch.5).