De mist ingaan

Hoe makkelijk kun je er naast zitten als je alleen maar op een vertaling afgaat en niet even een blik werpt op het origineel, in het geval van Spinoza dus op zijn oorspronkelijke Latijnse Ethica.

Zo eindigt Michael Marder (Research Professor at the University of the Basque Country) in een overigens interessant blog met deze passage:

“Spinoza finishes his Ethics with the praise of blessedness — Proposition 42: “Blessedness is not the reward of virtue, but virtue itself…” — which is a direct translation both of his Hebrew (Baruch) and his Latin (Benedictus) names, meaning “blessed.” For Spinoza to say, then, that blessedness is virtue itself is an act of self-affirmation, consistent with his thinking.”

De schrijver maakte gebruik van de vertaling van Edwin Curley en vergat kennelijk even de Latijnse tekst te raadplegen. In het Latijn is in 5/42 niet sprake van benedictus maar van beatitudo, in het Nederlands meestal vertaald met ‘gelukzaligheid’. Er is vast wel enige verwantschap tussen beide begrippen te ontwaren, maar hetzelfde zijn ze niet en dus ga je makkelijk de mist in met de bewering dat Spinoza met zijn laatste stelling zijn denken uiteindelijk met zichzelf heeft willen gelijkstellen en met zijn Ethica dus een ultieme vorm van zelfbevestiging heeft geleverd.

En dat NB in een artikel over Leibniz’ wet van de identiteit van het ononderscheidbare (identity of indiscernibles).