Inutilis scientia Spinozana [65] Het Spinozapoortje in Den Haag

 

Het steegje tussen Dunne Bierkade 26 en 29 in ’s-Gravenhage heet het Spinozapoortje. Kennelijk is dit een informele benaming. Google Maps althans kent het niet, heeft wel bovenstaande foto.

De doorgang heeft deze naam in de volksmond, en geldt niet alleen de houten poort met smeedijzeren hek, die waarschijnlijk uit de 18de eeuw stamt. [Cf.] Wellicht denken sommigen vanwege deze benaming dat de tekst die op de houten poort is aangebracht,"Deez' smalle poort leidt onvermoed naar ruimte tot ons geestelijk goed", naar Spinoza verwijst, maar die tekst verwijst naar “Het Lokaal van de Vergadering van Gelovigen”, het lokaal van de Darbisten, ook wel ‘gelovigen’ of ‘broeders’ genoemd: het kerkgenootschap dat gesticht werd door H.C. Voorhoeve en waarvoor K. Stoffels rond 1870 het huidige kerkgebouw ontwierp. [Cf.]

 

Deze tekst was ooit weggeschilderd, maar werd weer tevoorschijn gehaald n.a.v. een motie van D’66 in 2008. [Cf.]

Maar hoezo Spinozapoortje?
Antoon Vloemans heeft in zijn Spinoza. De mensch, het leven en het werk ['s-Gravenhage. N.V.H.P. Leopolds Uitgeversmaatschappij, 1931], op p. 380 deze tekst over Spinoza’s verhuizing naar Den Haag:

“Vooreerst vestigde zich Spinoza op de Stille Veerkade, in het huis, dat thans het no. 32 draagt. De toenmalige weduwe van Velen* nam den wijsgeer volledig in den kost. Op de tweede verdieping had Spinoza een kamer, die tegelijk zijn werk-, woon- en slaapvertrek was. De legende weet te verhalen, dat Johan De Witt den wijsgeer hier herhaaldelijk bezocht, om met hem over staatkundige aangelegenheden te spreken en de fantasie maakt de zaak nog interessanter door daarbij te vermelden, dat de groote staatsman daartoe gebruik maakte van een soort achter-uitgang, die uitmondde op de Bierkade** en die Haagpoort werd geheeten. Hoewel Spinoza slechts korten tijd in dit huis gewoond heeft, is het tot in de negentiende eeuw met zijn persoon in verbinding gebleven. De mare ging, dat aldaar "de groote Jan den joodschen dominee bezocht".”

In een eindnoot geeft hij zijn bron: "Dit woord is door W. Meyer opgeteekend uit den mond des volks. Toen hij zich aan het einde van de vorige eeuw moeite gaf, Spinoza´s woning op de Stille Veerkade vast te stellen. Vgl. C. Gebhardt: Domus Spinozana, in Chronicon Spinozanum. T. 5, blz. 68. "

En daar lezen we dat dr. Meijer dat gezegde niet optekende "uit de mond des volks", maar die van ene dr. Molhuysen***:

"Es ist nicht sicher, ob sich irgendeine Tradition über die letzte Wohnung Spinozas im Haag erhalten hat. In Rijnsburg scheint eine solche Tradition (nach den Mitteilungen Dr. Willem Meijers) bestanden zu haben, und als Meijer die erste Haager Wohnung Spinozas, die mit der Wohnung des Colerus identisch ist, in dem Hause Stille Veerkade 32 wiederfand, soll man ihm (nach einer Mitteilung Dr. Molhuysens) versichert haben, hier sei das Haus, wo Johan de Witt mit dem joodsche Domine zusammengekommen sei, wobei aber der Name Spinozas selbst in Vergessenheit geraten war. Was es zweifelhaft erscheinen läßt, ob irgendeine Tradition das Haus an der Paviljoens gracht im 19. Jahrhundert noch bezeichnete, ist eine briefliche Mitteilung Berthold Auerbachs an seinen Vetter Jakob Auerbach {Briefe an seinen Freund Jakob Auerbach, 2.Band, Frankfurt a. M. 1884, Seite 358), die Scheveningen vom 22. August 1878 datiert ist, und in der Auerbach nur berichtet: Dr. Betz hatte mir gesagt, daß es eins der drei Hauser gegenüber von der Dubletstraße ist, wo Spinoza starb. Allerdings trägt heute das Giebelhaus Paviljoensgracht 72/74, gerade der Doubletstraat gegenüber, die Inschrifttafel (es ist mir nicht bekannt, seit wie lange): Hier woonde Spinoza 1671—1677. Wie es unbekannt ist, wer diese Tafel hat anbringen lassen —  vermutlich wurde sie 1880 im Zusammenhang mit der Enthüllung des Spinoza-Standbildes angebracht —, so ist es auch nicht bekannt, ob ihr nicht doch vielleicht irgendeine Tradition zugrunde liegt, oder ob archivalische Studien das Haus Spinozas ermittelt haben."

Aan de achterzijde van het kavel komt het pand aan de Stille Veerkade 32 uit op het Spinozapoortje. [Cf.]

 

_________________ 

*) moet zijn: weduwe van advocaat Willem van der Werve

**) tegenwoordig Dunne Bierkade.

***) Of dit de bibliothecaris dr. Philipp Christiaan Molhuysen (1870-1944) was, vermeldt deze vertelling niet, maar het zou kunnen - is zelfs zeer waarschijnlijk in het licht van de volgende gegevens. Van 1897-1913 was hij conservator handschriften bij de Universiteitsbibliotheek Leiden; van 1913 tot 1921 bibliothecaris van het Vredespaleis in Den Haag en van 1921 tot 1937, als opvolger van Willem Byvanck, bibliothecaris van de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag [cf. wiki cf. KNAW-levensbericht]
In ieder geval heeft Willem Meijer ooit contact gehad met deze Molthuysen, want van zijn hand zijn de lemma's Spinoza, (Baruch of Benedictus de) [DBNL], Lucas (Jean Maximilien) [DBNL] en Meijer (Dr. Lodewijk) [DBNL] in: P.C. Molhuysen en P.J. Blok (red.), Nieuw Nederlandsch biografisch woordenboek. A.W. Sijthoff, Leiden, resp. deel 1, 1911, deel 4, 1918 en deel 5, 1921 (aan dit 5e deel werkte Molhuysen overigens niet meer mee; hij had zich wegens te vele werkzaamheden teruggetrokken).
En "dr. P. C. Molhuysen, 's-Gravenhage" maakte deel uit van het Internationale Comité dat in 1927 werd opgericht om van het Domus Spinozanum een instelling van Spinoza-wetenschap te maken [cf. blog]  

Eerste foto van Google Maps, tweede van hier,  laatste foto gemaakt op 11 juni 2010 door ene suasso op Flickr geplaatst met nog enige fotos van het poortje.

Reacties

Blog werd door Leen Boer getweet
https://twitter.com/BoerLeen/status/544859886564413440