De Spinoza van Will Durant - forever a lover of philosophy

Will Durant (1885 – 1981) was Amerikaans schrijver, filosoof en historicus. Hij schreef over grote denkers en over de geschiedenis van de filosofie. Samen met zijn vrouw, Ariel Durant, schreef hij tussen 1935 en 1975 de 11 delen van The Story of Civilization.

Boeken van Will Durant kom je nog altijd tegen. Hij schijnt in Amerika nog tamelijk populair te zijn. Op een Russische site van een liefhebber van Spinoza is de tekst te vinden van Chapter XXII: Spinoza: 1632-77 uit Will and Ariel Durant, The Story of Civilization, Volume eight. The Age of Louis XIV, Simon & Schuster, New York 1963.
Ook Chapter IV. Spinoza in Will Durant, The Story of Philosophy, New York, Time, 1962 is op de genoemde Russische site te vinden:

 

[van hier]

                                           Story of Philosophy (Touchstone Books) Cover[van hier]

Durant gaf les in Latijn, Frans, Engels en meetkunde aan het Seton Hall College in South Orange, New Jersey. Op de website van de foundation die zich wijdt aan de verspreiding van zijn gedachtegoed is daarover te lezen: “The College had an excellent library, and Durant was made librarian. It was there, as he moved affectionately among the books, that he learned of the man who, beyond any other thinker, would shape his life. Spinoza's Ethics Geometrically Demonstrated was a revelation to him in its heretical content and its mathematical method -- but, above all, in the personality it revealed of a philosopher actually living his philosophy, merging practice and precept, and dedicating himself, in poverty, simplicity and sincerity, to an attempt to understand the world.”

Onlangs las ik zijn hoofdstuk over Spinoza in deel 2 "Van Spinoza tot Schopenhauer” van “Hoofdfiguren uit de geschiedenis van het denken” (Querido, Amsterdam (salamanderreeks), 1968 (16e druk; 1e druk 1939).

En inderdaad is Durants toewijding duidelijk merkbaar. Hij schrijft inlevend en enigszins fictioneel, romantiserend over Spinoza’s leven. Zo schrijft hij over de jonge Spinoza binnen de Amsterdamse Portugees-joodse gemeenschap: “men beschouwde hem als een toekomstige ster aan de hemel van hun kerkgemeenschap (sic) en van hun geloof.”(p. 13) Dat ‘sic’ komt overigens meer de vertaler toe, want Durant schrijft: “He was a brilliant scholar, and the elders looked upon him as a future light of their community and their faith.”

Hij vermoedt (en zal dat van anderen hebben) dat de jonge kennisgrage Spinoza van Levi ben Gerson ‘het stoffelijk heelal als het lichaam van God’ heeft opgestoken; de ‘onpersoonlijke onsterfelijkheid van Averoes via Maimonides; de ‘hele realiteit als één substantie, God en werkelijkheid zijn één, Geest en stof zijn één’ van Giordano Bruno. Hij fantaseert een verhoor door de ‘Raad der Ouderlingen’, en dat na de ban zijn vader hem wegzond (alsof die toen nog in leven zou zijn).

Hij weet dat Spinoza even buiten Amsterdam aan de weg naar Ouderkerk woonde bij mennonieten “die hielden van zijn vriendelijk, droef gelaat (..) en verrukt waren wanneer hij soms ’s avonds beneden zijn pijp bij hen kwam roken en zich in hun eenvoudig gesprek mengde.” De auteur gaat er vanuit dat Spinoza iets had met de dochter van Van den Enden en dat toen zij voor een ander koos…: “ongetwijfeld was het op dat moment, dat de denker filosoof werd.”(p 14) Ook maakt hij een christen van Spinoza, waar hij schrijft: “Nietzsche zegt ergens, dat de laatste christen aan het kruis stierf. Maar hij vergat Spinoza.” (p. 29) Suggestiever kun je het haast niet zeggen. En uiteraard was Spinoza bevriend met de De Witten.

Aan het eind van het hoofdstuk laat hij de onthulling van het standbeeld in 1882 plaats hebben met een rede van Ernest Renan, hetgeen twee foutjes in één zijn: die onthulling was in 1880, maar die toespraak was bij gelegenheid van de 200e herdenkingsdag van Spinoza’s overlijden in 1877 bij gelegenheid waarvan de inzameling voor een standbeeld werd bekend gemaakt en alvast een hoeksteen voor het monument werd geplaatst. Kleinigheidjes.

Durant heeft er nogal behoefte aan om niet alleen toe te lichten maar ook om tussendoor te oordelen en om nogal vaak erudiete associaties met wat anderen hebben gezegd door zijn teksten te mengen, hetgeen soms irritant aandoet.

Waar de een Spinoza als democraat pur sang ziet, had hij voor Durant slechts een zeer gematigde voorkeur voor de democratie.

Hij behandelt die vier hoofdwerken van Spinoza, waarbij opvallend is dat hij van de TTP alleen iets van de bijbelkritiek behandelt en helemaal niets over de politieke opzet van het boek. De TTP is volgens hem “misschien voor ons het minst belangrijk in deze tijd, omdat de beweging der ‘hogere kritiek’ die Spinoza invoerde, de instellingen tot banaliteiten heeft gestempeld, waarvoor hij zijn leven waagde. Het is niet verstandig als een schrijver zijn standpunt te duidelijk toelicht; zijn conclusies worden voor alle ontwikkelden gangbare munt en zijn werken hebben niet langer het geheimzinnige, dat ons steeds weer aantrekt.” Duidelijk is: Durant lust zijn TTP niet. Maar zijn Ethica is lekker ‘geheimzinniger’. “Misschien hebben zoveel denkers de invloed van Spinoza ondergaan, omdat hij voor zovele uitleggingen vatbaar is en bij iedere lezing nieuwe rijkdommen biedt. Alle diepe gedachten hebben verschillende facetten voor verschillende geesten.”(p. 72/73)

Het grootste deel van de behandeling gaat uiteraard zitten in de Ethica, waarbij hij voor het gemak de attributen buiten beschouwing laat. Soms krijg je de indruk: het is het net niet of het is net op het randje – het voert te ver er hier verder op in te gaan. Je merkt duidelijk dat Durant graag meegaat in de mystieke en/of pantheïstische interpretatielijn. Ik kan me overigens haast niet voorstellen dat een lezer die niets over Spinoza’s leer weet er via de uitleg van Durant wat van zou kunnen brouwen.

Durant typeert dat in de metafysica de rede bestaat in het waarnemen van de wetmatigheden door de chaotische stroom der dingen (p. 55), zodat hij eerder kon beweren dat blijkt dat de metafysica die de wetenschap aanvaardt, die van Spinoza is (p. 39); maar hij concludeert daarna merkwaardigerwijs ook: “Zijn metafysica moge onjuist zijn, zijn psychologie gebrekkig, zijn theologie onbevredigend en duister, maar over de ziel van het boek, de geest en het wezen die ervan uitstralen zal ieder met eerbied spreken.” (p. 61)

Will Durant mag Spinoza wel, maar dan het liefst als een beetje mysticus en als een soort van christen. Hij adviseert:

Spinoza is not to be read, he is to be studied; you must approach him as you would approach Euclid, recognizing that in these brief two hundred pages a man has written down his lifetime's thought with stoic sculptory of everything superfluous. Do not think to find its core by running over it rapidly. (...) Read the book not all at once but in small portions at many sittings. And having finished it, consider that you have but begun to understand it. Read then some commentary, like Pollock's Spinoza, or Martineau's Study of Spinoza, or, better, both. Finally, read the Ethics again; it will be a new book to you. When you have finished it a second time you will remain forever a lover of philosophy.”

__________

6 december 2013 de "links naar de Russische site" van Andrey Maidansky geactualiseerd.

Dit deed ik nadat ik zag dat op 5 december 2013 W. Schuermans van de Spinoza Kring Lier een stukje over Durant had geschreven, waaruit ik dit citeer:

"Durant had een duidelijke idee over de grootste denkers en de belangrijkste ideeën van de mensheid. Dat alles kan je nalezen in Will Durant,  The greatest Minds and Ideas of all Time (2002), bijeengesprokkeld uit het werk van Durant door ene John Little (what’s in a name?).

In hoofdstuk twee leren we The Ten ‘Greatest’  Thinkers  kennen. Durant selecteerde de Tien , naar eigen zeggen, ruthless and dogmatic. Zijn hoofdcriterium was hun  enduring influence upon mankind.  En nu komt het: Spinoza  behoort niet tot de top tien, wellicht tot spijt van alle ‘Spinoza (h)eters’.  Durant zet de brave Amsterdammer weliswaar in het rijtje denkers die hij net niet de eer der groten  gunde, maar dat zal een echte Spinoza  aanbidder wel worst wezen.

Ziehier Durants top tien:   1  Confucius, 2  Plato, 3  Aristoteles, 4  Aquinas, 5 Copernicus, 6  Francis Bacon, 7  Newton, 8  Voltaire, 9  Kant, 10  Darwin.