Van Coornhert tot Jonathan Israel

Dirck Volkertsz. Coornhert, portret door Cornelis Cornelisz van HaarlemGisteren even geen blog. Ik maakte een wandeling in de heerlijk zonnige nazomer door het Amsterdam van Coornhert en Spinoza, daarin rondgeleid door Margreet Brandes. Zij heeft bij mij belangstelling weten te wekken voor Coornhert – ik ga uitzien naar diens in het voorjaar van 2012 te verschijnen werk uit 1558  Zedekunst dat is wellevenskunst [Redactie: J. Gruppelaar - hertaling/vertaling, inleiding, annotatie, register; uitgave van de Coornhert Stichting]. Ik ben benieuwd of Coornhert’s werk eenzelfde geest ademt en wellicht als een vooraankondiging van Spinoza’s Ethica kan worden gezien dat de moderniteit inluidde.

Vanmiddag om 15:00 uur is de uitzending over Coornhert in de Human-reeks Durf te denken’’ [zie hier]

In de NRC van gisteren, vrijdag 30 september 2011, stond een interview dat Sjoerd de Jong had met Jonathan Israel. Wim Klever was zo aardig er mij scans van toe zenden. Ik vertel dit daar het misschien nuttig is te weten voor wie net als ik de NRC niet hebben, niet omdat ik erg onder de indruk van het interview was.

Jonathan Israel; foto: Reyner Boxem, Hollandse HoogteIn het derde en laatste deel van Jonathans Israels trilogie over de Radicale Verlichting komen de Amerikaanse en Franse Revoluties in ruime mate aan de orde. Eigenlijk kun je de Franse Revolutie volgens Israel als mislukt beschouwen, eerst 'kaapten’ Robespierre en Marat de revolutie en daarna draaide de restauratie zo ongeveer alles terug. Eigenlijk acht Israel nog een vierde deel tot 1848 nodig om te laten zien dat de Radicale Verlichting een onverwoestbare undergroundbeweging was die onlangs repressie telkens weer opdook. In tegenstelling tot de gematigde Verlichting die uiteindelijk volgens Israel opging in de Contraverlichting en daarmee verdween. En eigenlijk was de Amerikaanse Revolutie helemaal geen democratische revolutie (hij kwam uit oorlog voort en liet slavernij voortbestaan).

Verder wordt er wat in- en uitgepraat over 'het project van Spinoza', de 'islam en de Verlichting', over wat Ayaan Hirsi Ali had kunnen betekenen als ze niet was verrechtst, over de onzin van een term als 'verlichtingsfundamentalisme' en over de 'mythe dat wij in een verlichte samenleving zouden leven'. Kortom je zou zeggen dat er nog minstens twee of drie boeken zouden moeten volgen over de doorwerking en stagnatie van de Verlichtingsidealen tot in onze tijd. Daaraan zal Jonathan Israel wel niet meer toekomen.

 

[Het portret van Jonathan Israel (foto van Reyner Boxem, Hollandse Hoogte) die het artikel illustreerde was hetzelfde dat al eens op 30 augustus j.l in bij een signalering van Israels boek in Trouw had gestaan]

Enfin, hiermee heeft de chroniqueur van Spinoza u weer enigszins bijgepraat.

Reacties

Aan de deze 'Spinoza-chroniqueur' werd doorgegeven dat Robert Dijkgraaf vandaag in een column in de NRC onder meer het volgende schreef:

"Ook in Nederland hebben wij een enigszins moeizame relatie met onze ‘grote namen’, zeker buiten de wetenschap. Wij mogen ons gelukkig prijzen dat het een handjevol personen heeft voortgebracht wier betekenis de geografische grootte van ons land ver overstijgt. En voor menigeen geldt dat hun tijd genoten deze betekenis niet beseften.
Laat ik vier voor beelden noemen die beslist in die categorie horen: Baruch Spinoza, Rembrandt van Rijn, Vincent van Gogh en Anne Frank. Ieder van hen is een mondiaal icoon geworden van wie naam en faam alleen maar zullen toenemen. Zij zijn kristallisatiekernen waar een deel van de geschiedenis en de cultuur zich samentrekt.
Met Spinoza begon het radicale denken en misschien wel de Verlichting. Rembrandt werd de favoriete portrettist van het menselijk tekort en de hoop. Van Gogh is de archetypische kunstenaar, die niet alleen een verbluffend oeuvre en een tragische levensloop naliet, maar die ook in prachtige brieven heeft verwoord. En Anne Frank staat als geen ander voor het leed van de Tweede Wereldoorlog."

Ook dat is hiermee op dit weblog gesignaleerd en bewaard.