Wat zijn nou helemaal honderd doodvonnissen?

Zaterdag had Trouw in de bijlage “Letter en geest” [nog niet op internet] een essay van Leen Spruit over de Romeinse Inquisitie. Het is een best interessant en informatief, maar ook enigszins merkwaardig essay – bijna een eulogie op die Inquisitie. De Spaanse, ja die was boosaardig, maar “de [Romeinse] Inquisitie was zo gek nog niet.” Die heeft goed werk verricht: introduceerde nieuwe elementen in de juridische praktijk, zoals de advocaat, getuigenis onder ede, het principe “’één getuige geen getuige”, inzage in de processtukken door de verdachte, een pro-deoverdediger voor behoeftige arrestanten en detentie als straf (in plaats van lijfstraffen en verminking). En die Inquisitie leverde “nog geen honderd doodvonnissen” – wat ís dat nou helemaal, vergeleken met de Spaanse Inquisitie, wordt je als lezer geacht daarbij te denken… Wie verzint in ’s hemels naam zo’n titel?

                

Stockholmsyndroom?
Bij mij kwam de vraag op: waarom schrijft Spruit zo’n verdedigend artikel? De vergelijking is wel wat overdreven, maar met een zekere overeenkomst met het Stockholmsyndroom lijken we hier toch te doen te hebben. Spruit is theoloog en filosoof, geen historicus, waarom houdt hij zich dan hiermee bezig?

Ik denk dat het volgende speelt (in of bij het essay wordt hierover niets vermeld): Spruit moet uitgebreid en goed contact met Paolo Vian, de directeur van de Afdeling Manuscripten van de Vaticaanse Bibliotheek, hebben gehad, waarin hij het manuscript van de Ethica ontdekte – dat manuscript dat in de 17e eeuw bij de Romeinse Inquisitie terecht was gekomen en later aan de Bibliotheca Vaticana was overhandigd. Ook die directeur zo bleek duidelijk was zó trots dat zijn bibliotheek het enige Ethica-manuscript ter wereld goed bewaard had. Hij beloofde een goede conservering ervan, zegde toe t.z.t. facsimile’s op internet beschikbaar te stellen, werkte goed mee aan de publicatie van de tekst door Spruit en Totaro bij Brill, hield er destijds op zijn beurt ook spreekbeurten over (cf].

En nu doet Leen Spruit iets terug door een heel gunstige beeld van die Romeinse Inquisitie (vergeleken met de Spaanse) te verspreiden. Voor wat hoort wat! Ik ben geen Dan Brown en beweer niet dat hierover een uitdrukkelijke deal is gesloten, maar zo zit soms iemands moraal of psychische manier van oordelen in elkaar: ik geef een gunstig oordeel terug en demp de kritiek.


Illustratie bij het artikel: Italiaans schilderij van het proces in Rome tegen Galileo Galilei in 1633. Hij werd gedwongen zijn denkbeelden te herroepen.
Op het document daarover onderstaand Galileo's handtekening: