Georges Vantongerloo (1886 - 1965) ontleende Denkbilder aan Spinoza

Op 3 maart had ik een blog n.a.v. mijn bezoek aan de tentoonstelling Georges Vantongerloo: Voor een nieuwe wereld die momenteel (tot 16 mei '10) loopt in het Gemeentemuseum Den Haag. Ik vind het de moeite waard er nog even op door te gaan.

Daar ik nieuwsgierig was geworden naar hoe de Belgische kunstenaar Georges Vantongerloo de Ethica van Spinoza had ontdekt en in zijn kunsttheoretisch en praktisch schilder- en beeldhouwwerk had proberen toe te passen, heb ik moeite gedaan de dissertatie Denkbilder, Materialien zur entwicklung von Georges Vantongerloo van Angela Thomas uit 1987 te pakken te krijgen.

George Vantongerloo, Komposition aus dem Ovoid, 1918, Mahagony-Holz, farbig gefasst, Ocno 9Angela Thomas claimt (en dat zal wel terecht zijn) ontdekt te hebben wat noch zijn toenmalige collega-medewerkers van De Stijl en de redacteur van de gelijknamige kunsttijdschrift, Theo van Doesburg, noch latere kunsthistorici wisten resp. hadden ontdekt: namelijk hoe Bekijk de afbeelding op ware grootteVantongerloo in zijn eerste artikel in De Stijl, “Reflexions” geheten, zich zonder Spinoza’s naam te noemen op diens Ethica had gebaseerd en hele teksten uit de in 1905 uitgekomen Nederlandse vertaling van W. Meijer naar het Frans had vertaald en letterlijk in zijn artikel had opgenomen.

 

 Georges Vantongerloo in zijn atelier in Parijs, 1950; Foto Ernst Scheidegger 

Aardig in dat verband is de formule voor ruimte (volume + leegte of holte = ruimte) waartoe Vantongerloo zich door Spinoza zou hebben laten inspireren. Theo van Doesburg was zeer enthousiast over deze 'formule' en schreef hem op 8 aug. 1918: "Een dergelijk heldere Ruimte stelling (Volume + Vide = Espace) was in Holland tot nogtoe niet geformuleerd." (Onderstreping van Van Doesburg).
Dit vindt Angela Thomas zo’n grappige vondst dat ze het wel drie maal schrijft. Ze bedoelt duidelijk dat Van Doesburg niet ‘wist’ dat ca 240 jaar eerder Spinoza dit zou hebben gezegd. Zij geeft echter niet aan waar in de Ethica dit te vinden zou zijn of uit welke passage Vantongerloo dit zou hebben afgeleid. Het scholium bij stelling 15 van deel I, waar Spinoza iets over vacuum zegt, komt m.i nog het meest daarvoor in aanmerking, maar ook dan wordt het niet één-op-één direct duidelijk. Angela Thomas zegt er verder niets over.

     Georges Vantongerloo, Fonction de lignes, rouge, vert (Functie van lijnen, rood, groen), 1937, olieverf op triplex, 79,5 x 66,1 cm, Collectie Angela Thomas Schmid, Zumikon
Georges Vantongerloo, Fonction de lignes, rouge, vert (Functie van lijnen, rood, groen), 1937, olieverf op triplex, 79,5 x 66,1 cm, Collectie Angela Thomas Schmid, Zumikon

 

Voor ik hierop verder ga, moet ik eerst dit kwijt. Ik wist niet wat me ‘overkwam’: dat iemand met zo’n tekst als Angela Thomas had geproduceerd, doctor in de filosofie heeft kunnen worden. Er is niets maar dan ook helemaal niets filosofisch in te ontdekken. Het hele stuk is niet meer dan het keurig in tijdsvolgorde opschrijven van biografische en kunstproductie gegevens, opgediept uit het Vantongerloo-archief in Zwitserland, aangevuld met informatie uit diverse publicaties over De Stijl en zijn medewerkers. Materiaal dat goed zou dienen voor een biografie, die het ook niet is. Alles wordt louter als feitelijkheden opgesomd, zonder enige beschouwing of nadere analyse. Treurigmakend. Zelfs voor een kunsthistorische thesis heeft het m.i. niet genoeg dat het naar doctorsniveau zou tillen, maar een doctorsgraad in de filosofie voor een tekst die helemaal niets-komma-nul filosofisch heeft, is volstrekt onbegrijpelijk. De naam Spinoza en de titel Ethica een paar maal laten vallen is toch niet genoeg. Het is zoiets alsof ik op dit weblog zou kunnen promoveren. Deze verbazing moest mij even van de lever.

Angela Thomas ontdekte dan wel de relatie Vantongeren – Spinoza, maar ze heeft niet de moeite genomen zich zelf in de Ethica te verdiepen. Ze heeft volstaan met het raadplegen van een publicatie van Matheron. Als ze dan vertelt dat Vantongerloo in 1917 de Ethica begint te lezen en ze daar voor het eerst iets over Spinoza schrijft, is dat dit: dat “die “ethik”, in der die bürgerliche gesellschaft nicht bekämpft, sonder nur erklärt wird…”

Dat is wel een heel merkwaardige introductie van de Ethica. Nog iets idiosyncratisch: in de hele tekst komt geen hoofdletter voor, alles, ook namen, is uit de ‘onderkast’, waarmee het de lezer best onnodig lastig wordt gemaakt. Die eigenzinnige keuze kon toen gemaakt worden.

Als ze het heeft over “Seine ideologische fortbildung’ wanneer ze het over het lezen van Spinoza door Vantongeren heeft, is duidelijk uit welke hoek de interesse stamt.

Georges Vantongerloo, Study, 1929, gouache on paper, 10.5 x 15 cm

         Georges Vantongerloo, Study, 1929, gouache on paper, 10,5 x 15 cm 

In dit proefschrift geeft de auteur aan dat niet duidelijk is, dat er geen evidentie is, dat het Vantongerloo gelukt was om zijn Ethica bij zich te steken toen hij als Belgisch vluchteling anderhalve maand in Nunspeet gevangen werd gezet (zie daarover het vorige blog). Opmerkelijk is dat dezelfde auteur in de catalogus bij de huidige tentoonstelling, waarbij ze verwijst naar dit, haar proefschrift, schrijft dat hij in de gevangenis de Ethica las. Ach wie zal dat checken?

Georges Vantongerloo, “construction dans la sphère,” ocno 2, 1918 -illustratie uit dit proefschriftHier en daar laat ze vallen (b.v. op p. 71, p. 78) dat Vantongerloo - naar analogie van Spinoza’s naar geometrische methode vormgegeven Ethica – een ‘zittende vrouw’ vier in driehoek/kwadraat ingetekende, geabstraheerde aanzichten tot een constructie voert (“construction dans la sphère,” ocno 2). Nergens wordt een beschouwing ingelast waarin de mogelijke overeenkomsten en verschillen tussen Spinoza’s axiomatische logisch-deductieve voortgang, waarbij Spinoza soms de metafoor van ‘lijnen en vlakken’ hanteert (zoals Bekijk de afbeelding op ware grootteook in de TP H1§4) en Vantongerloo die letterlijk meetkundige, geometrische operaties met lijnen en vlakken uitvoert. Je leest alleen maar dat Vantongerloo ‘die geometrie als objektivierendes stilmittel in seine künstlerische praxis einführte.” (p. 71) En: “Vantongerloo hatte bereits seine ideologische heimat in rational-geometrisch aufgebauten denkbildern spinozas gefunden.”(p. 72) Daar komt dus de titel van het proefschrift vandaan.

En dan komt het in dit verband aardigste tekstdeel (op p. 91 e.v.), waarin ze laat zien welke zinnen Vantongerloo van het Nederlands naar het Frans vertaalde en benutte in zijn De Stijl-essay “Reflexions.” Het betreft vooral een aantal stellingen en toelichtingen uit de ‘kleine fysica.’ Waar Spinoza ‘corpus’ (een lichaam) schrijft, wijzigt Vantongerloo dat soms in ‘een lijn’ (‘une ligne’)

Verder streeft hij – geïnspireerd door Spinoza - ernaar beweging in een sculptuur uit de materie te laten komen, tegenover anderen die beweging van buiten de materie willen laten komen (zoals sinds Aristoteles t/m Descartes werd gedacht). En hij heeft het over ‘evenwicht’ als “rust in beweging” -  iets dat Van Doesburg zeer kon waarderen en erg fraai gezegd vond.
Waar de De Stijl-collega’s, zoals Mondriaan, het – naar Blavatsky – hadden over de geest die op de materie inwerkt, sprak Vantongerloo telkens over ‘de eenheid van geest en lichaam’.

Kortom, Angela Thomas toont aan en maakt geloofwaardig dat Vantongerloo tegenover de andere De Stijl-medewerkers een eigen en stevige theoretische basis had die hij ontleende aan Spinoza.

Wat mijn bewondering voor deze kunstenaar extra groot maakt is dat hij geheel op eigen kracht Spinoza tot zijn leidsman heeft kunnen maken en op zijn eigen manier uit de Ethica elementen voor een kunsttheorie en –praktijk heeft kunnen oppakken. Er wordt namelijk niets gerapporteerd over enige begeleiding die hij bij het lezen van de Ethica heeft gehad. Het is ook niet bekend wie hem op de Ethica heeft gewezen. Met Van Doesburg en Mondriaan heeft hij nauwelijks over de Ethica kunnen spreken; hoewel hij het waarschijnlijk was die hen op de Ethica wees – het boek dat later op de aanbevolen boekenlijst van De Stijl vermeld werd. Met de andere De Stijl-medewerker die de Ethica citeerde, Vilmos Huszàr, heeft Van Tongerloo volgens dit proefschrift nooit contact gehad.

Georges Vantongerloo, Function, parabola, 1937, oil on panel, 82 x 48 cmEnfin, nog eens terugkomend op dit proefschrift-van-niks: dit is het wat daaruit op te diepen is. Het had zoveel meer kunnen en eigenlijk moeten zijn. (Als ik in de promotiecommissie had gezeten…) Enfin, het is niet anders.
De dingen hadden op geen andere wijze en in geen andere ordening kunnen worden voortgebracht dan zij voortgebracht zijn.

                       * * *

Over Theo van Doesburg (1883-1931) had De Lakenhal onlangs een tentoonstelling in samenwerking met het Tate Modern in London.

 

         Georges Vantongerloo, Composition émanante de l’ovoïde (Uit de eivorm voortkomende compositie), 1918, mahonie en olieverf, 17 x 6,5 x 6,5 cm, Collectie Angela Thomas Schmid, Zumikon.

Georges Vantongerloo, Composition émanante de l’ovoïde (Uit de eivorm voortkomende compositie), 1918, mahonie en olieverf, 17 x 6,5 x 6,5 cm, Collectie Angela Thomas Schmid, Zumikon.

De boeken over De Stijl