Hendrik Willem van der Vaart Smit (1888 – 1986) bij de Spinozaherdenking in 1932 leek alles nog pais en vreê…

In het vorige blog gaf ik een samenvatting van de lezing van dr. H.W. van der Vaart Smit die samen met die van dr. J.D. Bierens de Haan, prof. mr. dr. Leo Polak, dr. J.H. Carp, jhr. mr. dr. J.J. von Schmid opgenomen was in de brochure SPINOZA. Gezamenlijke redevoeringen, gehouden bij de Spinoza-herdenking door de afdeeling-Nederland van den Kant-Gesellschaft op Donderdag 29 December 1932 te Amsterdam in de Agnieten-kapel (Athenaeum-Illustre) uitgegeven op gezag van de Afdeeling-Nederland der Kant-Gesellschaft, Haarlem, de Erven F. Bohn N.V., 1933.

De afdeling van de internationale Kant-Gesellschaft was in 1921 door Nederlandse filosofen opgericht. Van der Vaart Smit werd vanaf de aanvang secretaris-penningmeester van de afdeling, die als een soort koepelorganisatie ging fungeren waarbij diverse Nederlandse filosofische verenigingen waren aangesloten. Het afdelingsbestuur van de Kant-Gesellschaft besloot eind 1932 een bijeenkomst te beleggen ter herdenking van de 300e geboortedag van Spinoza, waarbij verschillende leden het woord voerden. Welk een eendracht...

Hendrik Willem van der Vaart Smit (1888 – 1986)Van der Vaart Smit was geboren in Zoeterwoude. Hij begon zijn loopbaan als onderwijzer en studeerde later theologie in Amsterdam (VU), Heidelberg en Leiden. In 1911 werd hij reservelegerprediker in het Duitse leger. In 1913 werd hij kandidaat en op 1 juni 1917 promoveerde hij cum laude op zijn dissertatie De natuurphilosophie en het theïsme. Hij was achtereenvolgens predikant bij Gereformeerde Kerken in Nederland in ‘s-Graveland (23 december 1917), Zuid-Beijerland (30 september 1923) en Zwijndrecht Groote Lindt (22 december 1929). Vanaf 1 mei 1930 werd mede door hem het Nederlands Christelijk Persbureau (NCP) opgericht waarbij vrijzinnigen, ethische en kerkelijk gereformeerden, een voor die tijd ongewone combinatie, vertegenwoordigd waren en waarvan hij secretaris-directeur werd en er – volgens oorlogshistoricus Lou de Jong later – een ‘vehikel voor sluwe pro-nationaal-socialistische propaganda’ van maakte. Hij werd tevens hoofdredacteur van Evangelie en Volk, een uitgave van de ‘Orde van getuigen van Christus’. Hij was sterk op Duitsland georiënteerd en trachtte vanuit de NCP en Evangelie en Volk de kerken tot een positievere houding ten opzicht van Duitsland en het Nationaal-Socialisme te brengen.

Terug naar de afdeling-Nederland van de Kant-Gesellschaft. Deze nam het voortouw in een poging het Tijdschrift voor Wijsbegeerte te redden, dat in 1932-1933 in moeilijkheden verkeerde. Na de machtsovername door Hitler in Duitsland in 1933, kwamen geschillen die waren gaan spelen in deze afdeling naar buiten. Naar aanleiding van de nazificering van de Duitse moedervereniging (joodse filosofen als prof. Arthur Liebert, redacteur van de Kant-Studien, en prof. Ernst Cassirer werden uit de Kant-Gesellschaft gestoten), wilde Leo Polak, de voorzitter, de Nederlandse afdeling per direct losmaken van de Duitse moedervereniging. Secretaris Van der Vaart Smit was het hier niet mee eens en liet zijn sympathieën voor het Derde Rijk blijken. Hij startte een hetze tegen Leo Polak (1880-1941)de joodse hoogleraar Leo Polak en vroeg Berlijn of Polak nog wel lid kon blijven van de bestuursraad van de Kant-Gesellschaft. Hij zou daarbij hebben geschreven dat de voorzitter in Nederland 'een sluwe Jood' was. Polak schreef een woedende brief aan de Nederlandse leden waarin hij bedankte voor 'de eer, als jood lid der K.G. te mogen zijn.' Ten slotte oordeelde een meerderheid, dat gebleken was, dat men de centrale rol in het filosofische verenigingsleven in Nederland niet aan een afdeling van een Duitse organisatie kon blijven toevertrouwen. De Gids sprak van een ‘rumor in casa kantiana’, die volgens het blad omgeven was met ‘communiqué’s aan de pers en circulaires aan de leden’ (zo is te lezen bij Ronald van Raak). Op 16 december 1933 hief De Nederlandse afdeling van de Kant-Gesellschaft zichzelf op als algemene organisatie van de Nederlandse filosofen, maar richtte zich direct weer op als ‘Landesgruppe Holland’ van de Kant-Gesellschaft en sloot zich met andere verenigingen aan bij de nieuwe filosofische organisatie Algemene Nederlandse Vereniging voor Wijsbegeerte (ANVvW), die inmiddels op 9 december 1933 was ontstaan met Polak als voorzitter van het voorlopige bestuur en T. Goedewaagen als secretaris.

Op 10 maart 1934 werden de ontwerpstatuten behandeld en een definitief bestuur gekozen. H.J. Pos, die vanaf 1932 hoogleraar wijsbegeerte was aan de Universiteit van Amsterdam, werd voorzitter. J.D. Bierens de Haan en anderen achtten hem milder van aard en minder dwingend en eenzijdig in zijn opvattingen dan Polak, en daarom geschikter om het heterogene filosofengezelschap bijeen te houden. D. Bartling werd gekozen tot secretaris-penningmeester.

De ‘Landesgruppe Holland’ of Nederlandse afdeling van de Kant-Gesellschaft kreeg Bierens de Haan als voorzitter en Goedewaagen als secretaris. Van der Vaart Smit was via de wijzigingen sinds 1933 uit het bestuur verdwenen.

Zoals in de kop vermeld: bij de Spinozaherdenking eind 1932 leek alles nog pais en vreê… Van der Vaart Smit had er zo mooi gesproken over naastenliefde ook voor mensen met een andere visie, zoals Spinoza, maar binnen minder dan een jaar erna waren de poppen aan het dansen.

In 1936 werd Van der Vaart Smit geheim lid van de NSB. Hij onderhield persoonlijk contact met Mussert. Bij zijn laatste gemeente vroeg en kreeg hij op 16 augustus 1936 ontheffing uit het ambt van predikant. Hij ging zich meer toeleggen op het Nederlands Christelijk Persbureau. Door deze pro-Duitse houding van Van der Vaart Smit werd de samenwerking binnen de NCP bemoeilijkt, maar pas eind 1939 stappen de meeste bestuursleden op.  

In het najaar van 1940 treedt Van der Vaart Smit uit de Gereformeerde Kerken. H.H. Kuyper had op de synode voorgesteld om het synodebesluit aangaande de onverenigbaarheid van het NSB-lidmaatschap en het kerklidmaat-schap terug te draaien. Dit gebeurde niet en dat werd voor Van der Vaart Smit aanleiding de kerk de rug toe te keren.
Van 1940-1942 verbond hij zich aan het ANP, ook omdat het NCP tot 1941 gesloten wordt.

Op 4 mei 1945 werd hij gearresteerd en gedetineerd in verschillende kampen (onder andere Westerbork en Vught). Uiteindelijk kwam hij terecht in de Scheveningse strafgevangenis. Hij werd op 2 maart 1950 door het Bijzonder Gerechtshof te Den Haag veroordeeld tot 12 jaar gevangenisstraf. In 1954 werd hij, na 9 jaar gevangenschap, vrijgelaten.

Na de oorlog is Van der Vaart Smit bezig geweest met zelfrehabilitatie en het relativeren van de houding van anderen tijdens de Tweede Wereldoorlog (‘… ook de ‘goeien’ zijn niet zo braaf en de ‘slechten’ hebben niet zoveel slechts gedaan). Hij procedeerde tegen Prof. dr. L. de Jong en ds. J.J. Buskes. Hij beheert de uitgeverij ‘De Pauw’ in Amsterdam en overlijdt in 1986.

Dr. J. Ridderbos, medeauteur van ”Van kansel tot barak” over hem in Reformatorisch Dagblad: „Ds. Van der Vaart Smit werd in 1945 gevangengenomen, omdat hij met de Duitsers collaboreerde. Hij was een begaafde man die veel in zijn mars had. Van der Vaart Smit hoopte op een hoogleraarschap, maar toen hij dat niet kreeg, sloot hij zich uit een soort rancune aan bij de NSB. Hij dacht op die manier bij de Duitsers in het gevlei te komen en hoogleraar te worden in Duitsland. De man zat tot en met 1952 gevangen, daarna werd hij vrij­gelaten. Hij zette een uitgeverijtje op en leefde tot zijn dood van een uitkering.
Voor mijn dissertatie heb ik hem een paar keer bezocht. Hij was een geslepen vos, die probeerde mij te gebruiken om zichzelf te rechtvaardigen. Tegelijk was hij een begaafde man, wiens leven door eigen toedoen tragisch is verlopen.” [Hier]

Van der Vaart Smit heeft verscheidene publicaties op zijn naam staan zoals: Geest en Vorm (Amsterdam, 1922), Groote Denkers (Baarn, 1925), De Duitsche Kerkstrijd (Baarn, 1925), Kamptoestanden 1944/’45-’48: rapport (Haarlem, 1949), Rechtvaardiging (Amsterdam, 1963), Geboren te Betlehem: Kerstmis, zoals het werkelijk was (Roermond. 1964), De Oorlogsgeschiedenis (Amsterdam, 1976) onder het pseudoniem F. de Walle) en Wetenschappelijke kritiek op het geschiedwerk van prof. dr. L. de Jong: Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog (Amsterdam, 1975-1981) (2 delen). Hij publiceert ook onder de schuilnaam Dr. W. van Zoeterwoude.

Met zijn brochure die hij samen met G. M. G. H. Russel schreef, Kamptoestanden 1944/45-48 [De Keizerskroon, 1949 - 40 pagina's] heeft nog flink wat beroering gewekt en heeft hij nog enige invloed uitgeoefend.

En hij schreef:

‘Bento D’espinoza’. In Stemmen des Tijds, 21 (1932)

“Spinoza en de gereformeerde theologie.” In: Spinoza. Gezamenlijke redevoeringen, gehouden bij de Spinoza-herdenking (...), Haarlem 1933, 66-78.

Deze toespraak van deze zich zo fout ontpoppende theoloog blijf ik een interessant verhaal vinden. Goed en fout kunnen afwisselend samengaan. Daarmee heb ik de cognitieve dissonantie die in mij ontstond opgelost.

____________________

Bronnen

J. Ridderbos schreef lemma Hendrik Willem van der Vaart Smit in: G. Harinck e.a. (red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005) [Hier, vandaar ook portretfoto] en in Biografisch Lexicon voor de geschiedenis van het Nederlands Protestantisme [Hier]

 

Beschrijving VU-archief H.W. van der Vaart Smit door Els Sneep, juni 2005

Menno ter Braak in 1925 over Dr. H.W. van der Vaart Smit Hans Vaihinger en de als-of-philosofie (Serie ‘Groote Denkers’). “Men mag van der Vaart-Smit als het type van een goed populair-wetenschappelijk schrijver beschouwen.” [DBNL]

Ronald van Raak, Filosofen in de branding, website SP

Peter Derkx, H.J. Pos, 1898-1955, objectief en partijdig: biografie van een filosoof en humanist. Uitgeverij Verloren, 1994 [books.google]

Niet iets voor dit blog, maar wel te melden:
Over de impact van zijn brochure H. W. van der Vaart Smit & G. M. G. H. Russel, Kamptoestanden 1944/45-48. De Keizerskroon, 1949 [40 pagina's]: NIOD,  NPS TV serie Over de Oorlog: afl. De toestand in de kampen [hier]; Johannes Houwink ten Cate, De kampen voor 'foute' Nederlanders na de Tweede Wereldoorlog [historischnieuwsblad.nl]
A. D. Belinfante, In plaats van Bijltjesdag: De geschiedenis van de bijzondere rechtspleging na de Tweede Wereldoorlog. Amsterdam University Press, 2006 [books.google]